Nederland is koploper van Europa met betrekking tot retourzendingen, vooral als het gaat om fashion.

Uit onderzoek van DPD blijkt dat maar liefst 40 procent van de aangekochte artikelen wordt teruggestuurd in de fashionbranche. Terwijl het gemiddelde retourpercentage over alle branches 13 procent is.

En kennelijk zijn we minder geneigd om een product te retourneren naarmate de retourtermijn langer is.

Webshops met een retourtermijn van veertien dagen hebben een gemiddeld retourpercentage van 47 procent. Dat percentage daalt naar 37 als de retourtermijn wordt verlengd naar 30 dagen en naar 25 als de termijn langer dan 30 dagen is.

Dat scheelt grofweg de helft aan retourzendingen.

Het is een interessant fenomeen waar menig ondernemer zijn hersenen over kan kraken.

Hoe werkt een en ander in het hoofd van de consument en hoe is zijn gedrag te beïnvloeden? Zodanig dat het aantal retourzendingen vermindert.

 

Een nieuwe baan; maar spijt achteraf

Op de arbeidsmarkt speelt een vergelijkbaar probleem

Zo’n 65 procent van de nieuwe medewerkers is geneigd om binnen drie maanden weer om zich heen te kijken.

En heeft kennelijk spijt van de gedane zet.

Dat blijkt uit onderzoek van assessmentbureau Thomas, ook actief in Nederland.

 

Bij online aankoop is het alleen de koper die zich vergist. Op de arbeidsmarkt zijn er twee partijen die in de fout gaan.

Want blijkbaar maakt niet alleen de baanzoeker een inschattingsfout bij het aangaan van een nieuw contract, ook werkgevers zijn er een kei in.

Daarbij maakt het niet uit of een werkgever zelf de selectie doet of die heeft uitbesteed aan een recruiter of een werving- en selectiebureau.

In het genoemde onderzoek geven werkgevers aan, dat zo’n 50 tot 60 procent van de nieuwe medewerkers zodanig tegenvalt, dat de organisatie hen niet opnieuw zou aannemen als ze die kans zouden hebben.

Er gaat dus heel wat mis bij de werving en selectie van nieuwe medewerkers.

Met als resultaat een slechte fit tussen kandidaat en functie (in 46 procent van de gevallen) en/of een slechte fit tussen kandidaat en cultuur (in 44 procent van de gevallen).

 

Misschien ben je geneigd om die slechte fit toe te schrijven aan recruiters, selecteurs en assessmentbureaus.

Maar pas op, vergis je niet.

Ook als baanzoeker heb je daar een belangrijk aandeel in.

 

Bij een slechte match tussen persoon en functie en tussen persoon en organisatie heb je mogelijk onvoldoende je onderzoek gedaan.

Nog voordat je ging solliciteren.

Ben je afgegaan op de beschrijving in de vacature en heb je ook nog even de website van de betreffende organisatie bestudeerd.

Maar of die informatie betrouwbaar is?

Het is niet zo moeilijk om zaken mooier voor te stellen dan ze zijn.

 

Dus, vertrouw niet op wat je aangeboden wordt. Doe zelf je onderzoek.

Wil je een beeld krijgen van de cultuur van een organisatie? Gedraag je als een detective.

Een beeld van de cultuur van een organisatie krijg je namelijk niet op een presenteerblaadje aangereikt.

Ga gesprekken aan met mensen die de organisatie kennen. Bijvoorbeeld doordat ze afnemer zijn van hun producten en of diensten, er anderszins mee samenwerken of er als professional in dienst zijn.

Of mogelijk ken je iemand die een connectie heeft met een persoon die de organisatie goed kent en jou dus waardevolle informatie kan verschaffen.

 

LinkedIn is daarvoor een waardevol instrument.

 

Wil je een reëel beeld krijgen van de functie om een inschatting te kunnen maken of de functie optimaal bij je past?

Stel je niet afhankelijk en onderdanig op. Weet wat jij nodig hebt om goed gedijen in je werk en wat je zou moeten vermijden. Ga de dialoog aan en durf je vragen te stellen.

Wees je bewust van wat je te bieden hebt en van de waarde die jij levert met jouw kwaliteiten. Realiseer je dat een potentiële werkgever blij mag zijn als jij voor hem of voor haar wilt komen werken.

 

 

Heb je nog geen helder beeld van wat jij te bieden hebt, van de omgeving waarin jij goed gedijt, van de waarde die jij levert en hoe jouw ideale werk eruitziet?

Lees mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’ en voorkom dat je nieuwe baan een miskoop wordt.

Zelfrespect heeft te maken met leven naar je eigen waarden

 

Waarom doe je wat je doet? En wanneer doe je het goed?

Volgens Dumoulin, in een artikel in NRC : ‘Uiteindelijk doe je het voor niemand goed, als je het voor iedereen goed wilt doen.’

En je doet het vooral niet goed voor jezelf, denk ik dan.

Tom Dumoulin heeft dat ervaren.

Eind januari legde hij zijn carrière voor onbepaalde tijd stil om zich te beraden hoe hij verder wil in zijn loopbaan.

 

Laat je zelfrespect niet bepalen door de goedkeuring van anderen

© foto: Rini Kools / Shutterstock.com

 

Wielrennen was voor Dumoulin een spel, een hobby die zijn werk werd. Het was niet zijn droom om profrenner te zijn.

Geneeskunde studeren, dat wilde hij. Helaas werd hij uitgeloot. En als wielrenner was hij kennelijk zo talentvol dat hij binnen de kortste keren contracten kreeg. Hij kwam terecht in een wereld die zijn eerste keuze niet was.

Want, je kunt wel goed zijn in iets, maar of je het ook echt leuk vindt en er plezier aan beleeft, dat is nog maar de vraag.

En nog belangrijker: in hoeverre past wat je doet bij wie je bent, wie je wilt zijn en de bijdrage die je wilt leveren aan de wereld?

Dumoulin zegt daarover: ‘Speciaal ben je in mijn ogen als je een leven kunt redden, niet als je een wielerronde hebt gewonnen.

Hij vraagt zich dan ook af of hij nog wel topsporter wil zijn.

 

Al maanden, misschien al wel een jaar, miste hij het echte plezier in de wielersport. Hij wist niet meer hoe hij zijn weg moest vinden als Tom Dumoulin, de wielrenner.

Naar zijn zeggen was hij vooral bezig om te voldoen aan de verwachtingen die mensen hebben. Terwijl het voor hem als topsporter al moeilijk genoeg was om zijn eigen verwachtingen te managen.

Vandaar ook zijn vraag: Wil ik dit nog wel? Is dit hoe ik mijn leven wil leiden?

 

Voor hem was het duidelijk: aanmodderen is niet de oplossing.

Het lukt niet om antwoorden te vinden als je nog in de sneltrein van volgende doelen en wedstrijden zit.

Vaak is het nodig om er even uit te stappen. Misschien stap je weer in dezelfde trein, maar misschien ook niet.

Hij zegt:

Ik ga veel bellen en praten met mensen, veel nadenken, wandelingetjes maken met de hond en op zoek naar ‘Wat wil ik als mens?’ Met de fiets? Met mijn leven?

Het voelt zo goed. Ik ga nu echt even de tijd nemen voor mezelf.’

 

 

Hoe is dat voor jou?

Vraag ook jij je af hoe je verder wilt met je werk? Hoe je verder wilt met je leven?

Blijf niet aanmodderen. Maak ruimte om te komen tot antwoorden op je vragen.

Ga om te beginnen de dialoog aan met jezelf.

Breng in kaart waar je met name goed in bent en welke van jouw kwaliteiten je het liefst inzet in het werk dat je doet.

Wat is een omgeving waarin jij goed gedijt?

Wat betekent werk voor jou? Welke bijdrage wil je leveren met wat je doet in je werk? En hoe verhoudt werk zich tot wat naast werk belangrijk voor je is?

Hoe ziet het profiel van je ideale werk eruit?

 

Laat je meenemen in mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’ en kom stapsgewijs tot antwoorden op je vragen.

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Laat het me horen via e-mail ([email protected]) of telefoon (0575-544588/ 06-54762865).

 

 

 

 

Bij welke organisaties willen Nederlandse hogeropgeleiden het liefste werken?

Intermediair doet jaarlijks onderzoek naar het imago van bedrijven.

Ook in 2020.

In het Intermediair Imago-Onderzoek 2020 is aan 5000 hogeropgeleiden gevraagd naar het arbeidsmarktimago van organisaties en hun persoonlijke ambities, verwachtingen en wensen.

Het onderzoek vond plaats van 28 februari tot en met 5 april. Dus voordat de effecten van de Corona pandemie zichtbaar werden.

En de favoriete werkgever van 2020 is: Shell.

Tenminste voor de mannen.

Voor de vrouwen komt KLM op de eerste plaats.

Waarom dan toch Shell in de top 5 op 1 komt?

Wie het weet, mag het zeggen.

 

In de top vijf staat Google op de derde plaats.

Het lijkt een droom om bij een bedrijf als Google te werken.

In een artikel in Intermediair las ik daarover:

“Als buitenstaander hoor je veel wilde verhalen over Google en toen ik eenmaal binnen was, maakte het bedrijf een enorme indruk op me.

Ik had het idee dat ik omringd was met alleen maar hippe, jonge, fitte, slimme mensen.

Niemand loopt er in pak, iedereen is casual gekleed.

De feestjes, de cadeautjes, de borrels op vrijdag…

Het is bijna overweldigend.”

Ook al lijkt een organisatiecultuur je nog zo mooi, hij moet wel bij je passen

Maar of het echt een droombaan voor je is, zeker op termijn, dat is nog maar zeer de vraag.

Als je er eenmaal werkt, kan wat je droom was, verworden tot een nachtmerrie.

Ik was alleen maar met Google bezig, ik stond ermee op en ik ging ermee naar bed.”

Zijn privésituatie begon er echt onder te lijden.

Toen de klus bij Google erop zat, ging hij bij een ander, kleiner bedrijf aan de slag.

 

Hij zegt daarover:

“Wat een verschil! Het is alsof je drie jaar bij de Italiaanse serie A hebt gevoetbald en daarna ga je aan de slag bij RKC Waalwijk.

Ik hoef hier maar een ‘sprintje’ te trekken en ik loop iedereen eruit.

Maar het is goed zo.

Het is allemaal een stuk relaxter en ik hoor nooit meer gemopper van het thuisfront.”

 

Vraag je dus goed af welke organisatiecultuur bij jou past.

Voor de een is dat een innovatieve cultuur waar veel vrijheid is en je gestimuleerd wordt om creatief en flexibel te zijn.

En waar ook de organisatie zelf heel flexibel is.

Zoals bijvoorbeeld bij Google.

Iemand anders gedijt beter in een meer mensgerichte organisatie, zoals je vaak ziet bij familiebedrijven.

Weer iemand anders kickt op een heel resultaatgerichte cultuur waar je als werknemer te maken hebt met targets en bonussen.

En weer anderen voelen zich prettig bij een cultuur met duidelijke regels en heldere procedures.

Nogmaals, het is maar wat het beste past bij jou.

En wat je ervoor over hebt om bij ogenschijnlijk aantrekkelijke bedrijven als Google te werken.

 

Het is bovendien goed om je te realiseren dat werkgevers vaak geen realistisch beeld schetsen van de werksfeer.

En als werknemer ben je je vaak ook niet bewust van welke organisatiecultuur goed bij je past.

Laat staan, dat je weet welke vragen je moet stellen om boven water te krijgen hoe de cultuur is, in een organisatie die jou interesseert.

 

In mijn boek, dat volgens planning eind november verschijnt, lees je meer over de cultuur van een organisatie als belangrijk criterium voor arbeidstevredenheid.

En hoe je de vinger erachter krijgt in welke organisatiecultuur jij het beste gedijt.

Ik houd je op de hoogte.

Al jaren wilde ik een boek schrijven over mijn aanpak als loopbaancoach.

Het echte schrijfwerk had een lange aanloop.

Al in 2015/2016 heb ik een drietal masterclasses gevolgd: Zo schrijf ik mijn boek, Wie geeft mijn boek uit en Zo promoot je je boek.

Ook had ik in 2016 al een gesprek met een uitgever. Ik zie het nog voor me: vol energie kwam ik er vandaan. Vol goede moed en met veel zin om het schrijven op te pakken.

Maar daar bleef het bij.

In 2018 kreeg ik weer een nieuwe impuls: de online training BusinessBookBestseller volgen, dat leek me wel wat.

 

Inmiddels had ik heel wat geleerd over het schrijven van een boek, maar het boek zelf, dat kwam maar niet.

Het bleef knagen.

Daarom heb ik eind 2018 nog een sessie gedaan met een schrijfcoach om de structuur van mijn boek te bepalen.

De structuur leek me helder. In elk geval helder genoeg om tijdens mijn verblijf van een maand in Portugal, het schrijfwerk op te pakken.

Maar eenmaal weer terug op mijn thuisbasis, ging ik weer lekker aan het werk met mijn coachklanten.

En het schrijven van mijn boek raakte op de achtergrond.

 

Maar vergeten was ik het niet.

Het was voor mij duidelijk: ‘Ik krijg er spijt van, als ik het niet doe’; daar was ik zeker van.

De maand Portugal in 2019 werden er twee in 2020 en in die twee maanden heb ik lekker gefocust gewerkt aan mijn boek.

 

Als het er steeds maar niet van komt. Een boek schrijven of vinden ander werk.

 

Ik zat er goed in en raakte helemaal in de flow.

Ik kwam ook tot een inzicht: ik heb een schrijfcoach nodig.

Ik wil dat iemand met mij meeloopt in mijn schrijfproces.

Iemand die mij structuur biedt, mij feedback geeft en mij helpt om de vaart erin te houden.

Nog in Portugal heb ik Suzanna, mijn schrijfcoach gebeld. En haar gevraagd of zij mij wilde coachen.

Dat wilde ze graag.

 

Weer terug in Nederland had ik elke drie weken een afspraak met Suzanna. En elke drie weken had ik een of twee hoofdstukken klaar.

Ik heb het schrijfproces ervaren als een soort marathon.

Het gaf me een kick en de feedback en de tips die ik kreeg gaven me steeds weer de energie om door te gaan.

Het was genieten voor mij.

Inmiddels is de overeenkomst met uitgeverij Haystack getekend en is mijn manuscript in concept klaar.

Als alles volgens planning verloopt, dan is mijn boek half november verkrijgbaar.

In mijn eentje had ik dat in die relatief korte tijd niet klaargespeeld.

 

Zoals ik al jaren mijn boek wilde schrijven, zo hoor ik van sommige mensen al jaren dat ze niet gelukkig zijn met hun werk en dat ze ander werk willen.

Maar zoals mijn boek er niet vanzelf komt, zo komt een mooie nieuwe baan meestal ook niet vanzelf.

Wil je écht je doel bereiken? Laat het niet bij ‘willen’, maar kom in actie.

En wil je echt vaart maken en doelgericht koersen naar wat je voor ogen hebt, laat je coachen.

Als loopbaancoach ben ik voor jou een stok achter de deur om aan de slag te gaan met jouw loopbaanswitch. En daarmee bezig te blijven tot je jouw doel hebt gerealiseerd.

Net als mijn schrijfcoach dat voor mij was in mijn schrijfproces.

Als coach bied ik je structuur en bewaak ik het proces. Ik ben voor jou een baken en stap voor stap werken we samen naar jouw doel.

Ook al weet je nu nog niet hoe jouw doel eruit moet gaan zien.

En laat je niet weerhouden door angst, want angst vervormt je beeld van de werkelijkheid op de arbeidsmarkt en beïnvloedt je denkproces en gedrag.

In mijn e-zine van afgelopen maandag heb je dat kunnen lezen.

 

Dus: vat de koe bij de horens. Kom in actie.

Neem gerust contact met me op (0575-544588/ 06-54762865 of e-mail ([email protected]). Graag help ik je op weg.

Een oriënterend gesprek verplicht je tot niets en er zijn voor jou geen kosten aan verbonden. Ik zie uit naar jouw bericht.

 

 

 

 

No Recruiters, please!

Ik las het in de kopregel van het profiel van een van mijn LinkedIn connecties.

Kennelijk wordt hij zo vaak door recruiters benaderd dat hij dat niet meer wil. En voelt hij zich geroepen om het expliciet kenbaar te maken op zijn profiel.

Volgens Geert-Jan Waasdorp van Intelligence Group werd in het tweede kwartaal van 2020, 32,1% van de werkenden minimaal één keer per kwartaal benaderd door een recruiter.

Ook al geef je niet aan dat je beschikbaar bent.

 

Geert-Jan Waasdorp is als onderzoeker een man van de cijfers.

En met betrekking tot de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt vind ik die zelf ook interessant.

Met dank aan Geert-Jan Waasdorp, een uitspraak van W. Edwards Deming:

In God we trust, all others must bring data.”

 

De cijfers verzameld door Intelligence Group schetsen een ander beeld van de arbeidsmarkt dan je op basis van al het slechte nieuws zou verwachten.

Het slechte nieuws wordt uitvergroot.

Het is tijd om dat met het goede nieuws eens te doen en dat in de schijnwerpers te zetten.

Want goed nieuws is er.

 

Geïnspireerd door Geert-Jan Waasdorp geef ik je een paar feiten:

Aan het begin van het jaar, al voor de lock down, was het aantal nieuwe vacatures aan het afnemen, na een enorme piek in januari.

Na de lock down klapte de markt zo’n 28% naar beneden.

 

Maar het goede nieuws is: vanaf mei zie je dat de arbeidsmarkt stabiliseert en dat er licht herstel plaatsvindt.

In juli waren er bijna 250.000 unieke vacatures. Dat is 7% minder dan in 2019, maar gelijk aan 2018.

In het tweede kwartaal van 2020 waren minder mensen actief op zoek naar ander werk: 11,5 % was werkzoekend. Dat zijn er altijd nog 949.000.

In datzelfde kwartaal vonden 1,6 miljoen mensen (ander) werk. Dat is 15.000 meer dan dezelfde periode vorig jaar. Hoewel 16 duizend minder in vergelijking met het eerste kwartaal van 2020. Maar in januari hadden we nog even een enorme piek met betrekking tot het aantal vacatures.

De zoekduur is gemiddeld 3,8 maanden en het uitzicht op een vast contract blijft nagenoeg gelijk; een kleine 40%.

De daling van het arbeidsaanbod was net iets groter dan de daling van de vraag, waardoor de krapte op de arbeidsmarkt blijft en dus de sourcing druk hoog is.

Het is dan ook geen wonder dat recruiters fanatiek potentiële kandidaten gaan werven. En benaderen bijvoorbeeld via LinkedIn.

 

Al met al hebben we dus afgaande op de cijfers, een gezonde arbeidsmarkt. Ook al is er iets minder dynamiek.

De markt is aan het stabiliseren en licht aan het verbeteren.

De werkeloosheid is nog steeds laag.

In absolute termen is de arbeidsmarkt goed.

Beweeg nu! Niet morgen, maar nu!

“Beweeg nu! Niet morgen, maar nu!”

Dat zegt Geert-Jan Waasdorp van Intelligence Group.

Nu (komende 2-3 maanden) heb je een goede arbeidsmarkt, waar je ‘kunt shoppen’.

Op dit moment zijn er voldoende baanopeningen, al dan niet in de vorm van vacatures.

Er is zelfs krapte en schaarste op de arbeidsmarkt.

 

Hoe het er over drie maanden uitziet, dat weten we nog niet.

Veel onzekerheid hangt er boven de markt.

Als er echt een tweede golf komt, dan wordt mogelijk alles anders.

 

Dus:

“Beweeg nu! Niet morgen, maar nu!”

Mijn coachklanten laten zien dat je ook nu prima kunt netwerken, ook al is het online.

En dat werving van nieuwe medewerkers gewoon doorgaat.

De krapte op de arbeidsmarkt en het feit dat iets minder mensen actief op zoek zijn naar ander werk, vergroot jouw kansen om je ideale werk te realiseren.

Beweeg nu en laat het me horen (06-54762865/ 0575-544588) als je daarbij hulp kunt gebruiken.

 

Afgelopen vrijdag ondertekende de president van de Verenigde Staten weer eens een executive order.

Een executive order waarin is vastgelegd dat de skills van een sollicitant zwaarder wegen dan diens diploma’s. Tenminste bij sollicitaties voor functies bij de Federal Government.

De Federal Government; dan heb je het over een bedrijf met 2,1 miljoen werknemers. De medewerkers van de post en de militairen nog niet eens meegerekend.

Mogelijk heeft de president zich tot de executive order laten inspireren en overhalen door zijn dochter. Zij is een van zijn adviseurs en covoorzitter van de American Workforce Policy Advisory Board.

De executive order is bedoeld om een verandering in het recruitmentproces van de federale overheid te bewerkstelligen. Resulterend in een meer inclusief en getalenteerder personeelsbestand.

 

Kennelijk is die verandering al in gang gezet en is men bezig het recruitmentproces steeds meer te ‘moderniseren’.

Dat betekent dat men meer oog heeft voor relevante competenties en kennis van kandidaten. En minder geneigd is om te werven louter op basis van diploma’s.

De federale overheid wil daarin een voorbeeld zijn voor de private sector.

En moedigt werkgevers in die sector aan, om eens kritisch te kijken naar hun recruitmentproces. En na te denken over hoe initiatieven zoals bij de overheid, diversiteit kunnen bevorderen en hun personeelsbestand kunnen versterken.

Overigens is het niet zo dat het Witte Huis helemaal niet meer zal vragen om diploma’s. Maar skills zullen benadrukt worden voor banen waarin diploma’s minder belangrijk zijn.

 

Skills wegen zwaarder dan diploma's

 

In ons eigen landje zijn we er allang achter dat een afgeronde opleiding maar ten dele iets zegt over wat iemand te bieden heeft.

Dat betekent ook dat er op de arbeidsmarkt gaandeweg minder nadruk wordt gelegd op diploma’s.

 

Zoals diploma’s geen garantie bieden voor kwaliteit, zo zijn we er ook allang achter dat langdurige specifieke werkervaring daarvoor ook geen garantie biedt.

Integendeel, het kan zelfs zo zijn dat veel ervaring in een bepaalde richting tegen je kan werken.

En dat bijvoorbeeld innovatieve bedrijven liever slimme en nieuwsgierige mensen aannemen, dan mensen die door jarenlange ervaring expertise hebben opgebouwd op een specifiek vakgebied.

Men denkt dan dat experts eerder geneigd zijn om te komen met oplossingen en antwoorden waarmee ze vertrouwd zijn, dan dat ze nieuwe en mogelijk betere richtingen onderzoeken.

 

 

 

Zorg dus dat je een goed beeld hebt van wat je te bieden hebt, jouw kwaliteiten.

En de waarde die jij met jouw kwaliteiten levert voor potentiële werk- en opdrachtgevers.

Heb je dat nog niet zo goed in kaart? In elk geval nog niet zo goed dat je kwaliteiten specifiek kunt benoemen en aan de hand van concrete resultaten kunt aantonen welke waarde jij levert?

Laat het me horen. Met alle plezier help ik je op weg en gids ik je naar jouw doel.

Klik hier en plan een afspraak in voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Afgelopen zaterdag keek ik voor het eerst naar Het echte leven in de dierentuin.

Kennelijk was ik niet de enige, want het was met 1.046.000 kijkers bijna het best bekeken programma van de dag.

Alleen het NOS-journaal van 20.00 uur deed het beter.

Het dierenleven fascineert me. Niet alleen omdat ik in een echt biologennest geboren ben. Van mijn vijf broers hebben er vier biologie gestudeerd en ook mijn vader was bioloog.

Het programma gaf een mooi inkijkje in het leven in de dierentuin.

Het echte leven in de dierentuin doet zijn naam eer aan.

Ik vond het mooi om te zien en vooral ook te horen hoe het leven in de dierentuin er achter de schermen aan toe gaat.

Met name hoe er gedragspsychologisch met de dieren wordt gewerkt.

 

Interessant vond ik het inkijkje in het leven van Mincho, een grote kennelijk getraumatiseerde bruine beer.

In Ouwehands Dierenpark in Rhenen, tevens opvangplek voor getraumatiseerde beren, moet Mincho langzaamaan weer écht beer worden.

De beren worden opgevangen in het berenbos, waar naast beren ook andere dieren, bijvoorbeeld wolven, lopen.

Bang als Mincho is, laat hij zich zijn vlees afpakken door de wolven. En als de wolven op hem af komen, dan is hij geneigd om zich veilig terug te trekken in zijn binnen verblijf.

Hij boft dat wolven geen walnoten en appels lusten, want anders zag het er beroerd uit voor Mincho.

dieren zij net mensen

© foto Michiel Langbroek

Volgens bioloog José Kok, verantwoordelijk voor de verzorging van de dieren heeft Mincho een klein hartje, een mentaal probleem.

Als bruine beer is hij veel krachtiger dan de wolven, maar zo voelt hij dat zelf niet. Hij is niet overtuigd van hoe sterk hij zelf kan zijn.

Het zou hem enorm helpen als hij wel dat zelfvertrouwen zou hebben.

Heeft hij dat zelfvertrouwen wel, dan zou hij ook een veel groter deel van het berenbos gebruiken. Nu houdt hij zich klein en gebruikt misschien maar 50 m2, terwijl het hele berenbos 12 ha groot is.

De verzorgers zagen zich geroepen om Mincho een handje te helpen door hem een duwtje in de rug te geven. Ook al was het voor hen niet leuk om te doen en spannend hoe het uit zou pakken.

 

Waar Mincho tot dan toe steeds kon vluchten voor de wolven door weg te kruipen in zijn verblijf binnen, werd dat voor hem afgesloten.

Daar kon hij niet meer terecht en was dus buitengesloten.

Maar het bleek wel effectief.

Het heeft hem geholpen om zijn zelfvertrouwen terug te winnen en zijn plaats in te nemen in het berenbos.

 

Op de arbeidsmarkt zie ik vergelijkbare taferelen.

Ik zie menigeen gedrag vertonen zoals Mincho.

Het is wat sterk uitgedrukt om te zeggen dat ze net als Mincho een ‘mentaal probleem’ hebben, maar er zijn wel parallellen te trekken.

Ze zijn als professional groot en sterk, hebben veel te bieden op de arbeidsmarkt, maar laten zich de kaas van het brood eten door mensen die minder te bieden hebben dan zij.

Door gebrek aan zelfvertrouwen hebben ze de neiging om zich terug te trekken in een voor hen veilige omgeving en uitdagingen uit de weg te gaan.

En onzeker als ze zijn, durven ze nauwelijks ruimte in te nemen. In elk geval zich niet vrijelijk te bewegen op de arbeidsmarkt.

 

Laat je niet wegjagen op de arbeidsmarkt en wegsturen in je ‘hok’.

Laat mooi werk niet wegkapen door anderen, met vaak minder kwaliteiten dan jij.

Ben je bewust van wat je te bieden hebt en de waarde die jij met jouw kwaliteiten levert.

Zodat je je vol zelfvertrouwen en overtuigend kunt presenteren voor het werk dat jij het allerliefste doet.

 

Kun je daarbij een steuntje in de rug wel gebruiken?

Klik hier en plan een afspraak in, voor een oriënterend gesprek.

De kans is groot dat je vandaag op zijn minst al één keer in een spiegel hebt gekeken.

Toen je je stond te scheren of je haar stond te kammen of toen je aan het make-uppen was.

Maar wat je je niet realiseert als je in de spiegel kijkt, is dat het gezicht dat je daarin aankijkt niet het gezicht is dat alle anderen van je zien.

Jijzelf bent hoogstwaarschijnlijk de enige persoon op aarde van wie je het ware gezicht nooit in werkelijkheid hebt gezien.

Ook al heb je tig keer in een spiegel gekeken.

Elke keer dat je jezelf ziet in een gewone spiegel, zie je namelijk een vervormd beeld van jezelf; een vervormde blik en vervormde gelaatsuitdrukkingen.

Je ware gezicht wordt in zo’n gewone spiegel namelijk echt gespiegeld.

Daar komt nog eens bij dat als je zelf in een spiegel kijkt, je gelaat in een split second stopt met zich op een natuurlijke manier te gedragen; je emoties, je gelaatsuitdrukkingen worden sterk gereduceerd.

Sinds je vroege jeugd gebeurt dat al en dat heeft zijn consequenties.

 

Je eigen ware gezicht nooit in werkelijkheid gezien

 

Het vervormde spiegelbeeld van jezelf creëert namelijk een vervormd zelfbeeld, waardoor je het ware beeld van jezelf niet ziet; denk daarbij bijvoorbeeld aan de sprankeling in je ogen en je ware gezichtsuitdrukking.

Wat je ziet in jouw spiegelbeeld is een geconstrueerd zelf en kijk je in een spiegel, dan ben je geneigd om te zoeken naar bevestiging van dat beeld.

Ben ik inderdaad zo dik als ik denk dat ik ben? Zie ik er inderdaad zo moe en futloos uit? Begin ik inderdaad steeds meer rimpels te krijgen en wordt mijn haar meer en meer grijs?

 

Wil je het beeld zien dat anderen van je zien, dan kan een true mirror uitkomst bieden.

De true mirror werd uitgevonden door John en Catherine Walters, een koppel in New York.

Zij ontdekten dat als je twee spiegels tegen elkaar zet onder de juiste hoek en de naad wegneemt, de beelden elkaar weerkaatsen.

Wat je ziet als je kijkt in een true mirror is precies wat anderen zien als ze naar je kijken.

Kijk je in een true mirror, dan is het eerste wat je waarschijnlijk opvalt, dat je hoofd niet rechtstaat. Blijkbaar neigt bij de meesten het hoofd iets naar één kant.

Dus als je naar een true mirror loopt, dan probeer je eerst je hoofd te corrigeren, wat je dan precies de verkeerde kant op doet.

Het lijkt me heel desoriënterend.

 

Waar je als je in een gewone spiegel kijkt, geneigd bent om te zoeken naar bevestiging van het beeld dat je van jezelf geconstrueerd hebt, schijn je als je in een true mirror kijkt heel anders te kijken naar jezelf.

Je kijkt dan veel onbevangener, op zoek naar jezelf en het beeld van jezelf dat zich aan je openbaart.

 

Een van de doelen in mijn coachtrajecten is om jouw blik op jezelf te verruimen. Niet met een true mirror, maar met mijn methodiek.

Want veel mensen hebben een vervormd beeld van zichzelf geconstrueerd. Over het algemeen ook een minder sprankelend beeld dan de realiteit.

Dat komt in een begeleidingstraject al gauw naar voren als we bijvoorbeeld je kwaliteiten inventariseren.

Voor mij is het steeds weer frappant om te ervaren hoe weinig kwaliteiten iemand in eerste instantie van zichzelf ziet.

En hoe makkelijk die kwaliteiten van een coachklant dan voor mij, als een ander, voor het oprapen liggen.

 

Als je onbevangen durft te kijken naar jezelf, met de ogen van een ander, op zoek naar jezelf en het beeld van jezelf dat zich aan je openbaart, ga je gaande een traject steeds meer facetten van jezelf zien.

Met het resultaat dat je je overtuigd en overtuigend kunt presenteren met jouw kwaliteiten, de waarde die jij levert en het werk dat je het allerliefste doet.

En dat kan, ook nu in tijden van corona.

Bel (06-54762865/ of e-mail ([email protected]) me gerust en leg je vragen aan me voor.

 

 

 

 

Zwemmen is een opmerkelijke bezigheid.

Het vraagt zowel passiviteit als activiteit.

De passiviteit betekent dat je je moet laten dragen door het water.

Het helpt daarbij als je vertrouwen hebt in het proces en durft en bereid bent iets van controle los te laten en je te laten meevoeren.

Dit geldt des te sterker als je in een stroomversnelling of in een draaikolk terecht komt.

Kennelijk is je naar beneden laten meevoeren in een draaikolk om vervolgens onderaan los te komen en weer naar de oppervlakte te gaan, de enige manier om te overleven.

Je verzetten en krampachtig spartelen tegen de beweging van de draaikolk in, betekent bijna zeker dat je verdrinkt.

Terwijl krampachtig spartelen waarschijnlijk de natuurlijke reactie is.

Naast passiviteit, je laten dragen door het water, vraagt zwemmen ook een actieve houding. Want wil je blijven drijven en vooruitkomen, dan moet je wel met je armen en benen slagen maken of in elk geval watertrappelen.

Doe je niks, dan zak je vanzelf naar de bodem.

 

Wuwei in coronatijd; laat je meevoeren in het proces

 

Het balanceren tussen passiviteit en activiteit is een uitdaging.

Passiviteit komt overeen met het begrip WuWei uit het Taoïsme.

WuWei duidt op een houding waarmee we de werkelijkheid en veranderingen daarin kunnen benaderen.

Passiviteit is eigenlijk niet het goede woord; WuWei is eerder een actief niet storend ingrijpen in een lopend proces, een meegaan met een beweging die al gaande is.

Een exactere vertaling is kennelijk: een open ruimte maken in het bos (waarin dus mogelijkheden kunnen groeien en bloeien).

Een beetje zwerven; op weg gaan waarbij de eindbestemming misschien bekend is, misschien helemaal niet of nog niet helemaal.

De weg ernaar toe is een avontuurlijke, vol verrassingen, zijpaden en onverwachte gebeurtenissen en ontmoetingen.

Dat doet me denken aan onze kampeervakanties met onze vier kinderen. De hele zomervakantie trokken we er zwervend op uit. Met minimale bagage en zonder eindbestemming.

Waar het prettig was, daar bleven we een poosje. En als we het wel weer gezien hadden, dan trokken we verder.

Heerlijk vond ik het; met een open, losse houding zaken tegemoet treden en maar zien wat er op je pad komt.

 

Het is mooi om ook een beetje te ‘zwerven’ in deze coronatijd. Want wanneer het leven weer normaal is en hoe het nieuwe normaal eruit gaat zien, dat weten we niet.

Het is de kunst om vertrouwen te hebben in het proces en de durf en bereidheid om iets van controle los te laten en je te laten meevoeren in het proces.

Misschien heb je net als ik in de beginperiode menigeen krampachtig zien spartelen, tegen de draaikolk in.

Mijn inbox liep bijvoorbeeld vol met uitnodigingen voor webinars en online trainingen.

Ikzelf heb bewust van de situatie gebruik gemaakt om lekker gefocust te schrijven aan mijn boek. Dat vordert gestaag.

Al schrijvende krijg ik steeds meer de hele inhoud van mijn boek in mijn hoofd. Ik zit helemaal in de flow en geniet van het ontwikkel- en ontwikkelingsproces; zowel persoonlijk als professioneel.

Onlangs heb ik het 7e hoofdstuk afgerond met als titel Vier soorten ‘zin’ en ambachtelijk zingeven.

Met betrekking tot de coronasituatie is  een aspect van zingeven of zin maken.

‘Maak van crisis een kans’ of ‘never waste a good crisis’.

 

 

Mogelijk doet de huidige situatie je ook anders kijken naar je werk. Wil je jouw werk zo kneden dat het weer beter bij je past? Of wil je misschien een andere richting inslaan en een lang gekoesterde wens in vervulling doen gaan?

Neem gerust contact met me op? Stuur een e-mail naar [email protected]. Of bel me even (06-54662865 / 0575-544588) voor het maken van een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

‘De ware verlichte mens is een zo veel mogelijk consumerend varken.’

Het zal je maar gezegd worden.

Het is dan ook geen wonder dat zo’n kop van een artikel mijn aandacht trekt.

Het artikel gaat over het nieuwe boek De onzichtbare maat van Andreas Kinneging, hoogleraar rechtsfilosofie in Leiden.

 

Volgens Kinneging is het tijd voor bezinning en hervorming. Los van de coronacrisis waar we nu in zitten.

Volgens Kinneging deugt er weinig of niets van onze moderne wereld.

De ware verlichte mens is een zo veel mogelijk consumerend varken geworden. En de ware romanticus een zijn eigen Ik ontplooiende egoïst.

Naar zijn zeggen groeit de technologie ons boven het hoofd en verdringt het beeld het schrift, wat ons dommer maakt.

 

Zijn boek moet je kennelijk niet lezen voor het slapengaan. Dat zegt Kinneging zelf. Je moet er fris voor zijn; je raam open en de verwarming uit.

En dan lezen als een koe; langzaam en herkauwend.

 Bezinning en herijking van waarden en andere kijk op werk

Dat het geen boek is om te lezen voor het slapengaan kan ik me goed voorstellen.

Want in de recensie lees ik: ‘De wereld verandert en op zeker moment gaan de veranderingen je te ver en zeg je ‘Over my dead body’ – wat vervolgens ook precies is wat er gebeurt.’

 

Ik ben dan gelijk geneigd om de associatie te maken met de pandemie waar we nu in zitten. Wie had gedacht dat zoiets ons zou overkomen?

En ja, we hebben nu de strijd aan te gaan met krachten die we nog niet kennen en dus ook nog niet kunnen beheersen. Hooguit enigszins in toom houden.

Dat is beangstigend.

 

Dat leidt ook bij veel mensen tot bezinning en tot herijking van waarden.

Ik ervaar dat niet alleen bij mezelf, maar hoor het ook om me heen.

Bijvoorbeeld van een van mijn buurtjes die aangaf het eigenlijk best gezellig te vinden, samen met zijn kinderen thuis.

Of van ouders die genieten van het samenzijn met uitwonende kinderen, die tijdelijk weer het ‘thuishonk’ opzoeken om wat meer ruimte te hebben dan in de studentenkamer of het niet al te ruim bemeten appartement.

Wellicht herken jij het.

 

Mogelijk leidt die bezinning ook tot een andere kijk op jouw werk.

Kim van der Meulen schreef er een artikel over ‘Bye bye stom werk, hallo nieuwe kansen (juist nu!).

Voor het artikel interviewde zij onder anderen mij als expert op het terrein van loopbaancoaching.

Doe je voordeel met de tips en krijg weer meer plezier in je werk.

 

 

Mocht je, nu je opeens op afstand moet werken, misschien pijnlijk ervaren dat je baan eigenlijk niet goed (meer) bij je past?

Twijfelde je voor de coronacrisis al over de bijdrage die je levert met je werk?

Loop je als thuiswerker daar extra hard tegenaan, zonder de afleiding van het kantoorleven?

Merk je dat je afhaakt?

 

Neem gerust contact met me op.

Leg je overwegingen aan me voor in een kosteloos oriënterend gesprek. Een afspraak boek je in, in mijn online agenda met deze link.