Hoe is het met jou nu we in een totaal andere wereld leven?

 

Voor mij lijkt het al een hele tijd, dat de wereld op z’n kop staat. Ook al is dat pas sinds een paar weken zo.

Een hele omslag hebben we te maken.

 

De eerste twee weken van maart had ik nog volop fysiek face to face gesprekken met mijn coachklanten.

Ook kon ik nog gewoon naar de fitness.

De laatste vrijdag heb ik nog flink lopen wapperen met desinfecterende doekjes om gebruikte apparatuur schoon te maken.

 

De aanpassingen volgden elkaar snel op.

Geen coachklanten meer op mijn kantoor. Alle gesprekken online.

Ikzelf voel me daarin helemaal thuis. Mijn ervaringen in Portugal helpen daarbij.

Bij sommige coachklanten moet de ‘knop nog om’. Eerst Skype installeren en dan zien en ervaren.

 

Het is de kunst om de kansen te benutten die de crisis biedt.

Om te beginnen de kansen te zien. De vele mooie initiatieven, de saamhorigheid en behulpzaamheid. De ontdekking dat veel ook anders kan dan je gewend bent.

Dat helpt om patronen los te laten.

Je open te stellen voor nieuwe ontwikkelingen en als vanzelf je mee te laten nemen in die stroom.

Kansen die de coronacrisis je biedt zien en benutten

Zo is online coaching een goede voorbereiding op video solliciteren.

Want nu iedereen aan huis gekluisterd is, is er een grote kans dat video solliciteren écht doorbreekt.

Fysiek face-to-face sollicitatiegesprekken zijn niet of nauwelijks meer mogelijk. Terwijl een recruiter of selecteur via video nog wél kandidaten kan spreken.

Hoe handig is het als je door online coaching daar al vertrouwd mee bent?

 

Bovendien, nu iedereen toch gewend is aan onlinegesprekken voeren, waarom zou je niet de kans grijpen om online te netwerken?

Oude contacten aan te halen en nieuwe contacten te leggen?

Je hebt alle kans dat jouw uitnodiging wordt ervaren als een welkome afwisseling van het thuiswerken.

 

Misschien denk je dat de hele werving en selectie door de coronacrisis platligt.

Dat blijkt niet het geval. Zelfs nu zijn er volop vacatures en wordt er volop geworven.

Maandag 16 maart, het begin van de ‘intelligente lockdown’, stonden er ruim 5000 nieuwe vacatures online.

Om je een idee te geven; dat lijkt op het aantal nieuwe vacatures in de zomervakantie.

Steeds meer bedrijven zetten hun sollicitatieproces op afstand door.

 

En zo had ik onlangs intensief contact met een van mijn e-zine abonnees.

Hij mailde me: ‘Nu doet zich een kans voor waar ik op korte termijn op moet reageren en ik zou jou willen vragen om hulp om deze kans zo goed mogelijk te benutten. Kun en wil jij dit op deze termijn?’

En ja, dat wilde ik wel.

 

In een intensieve combinatie van online coaching en coaching via e-mail zijn we samen aan het werk gegaan.

Met als resultaat een goed cv, profiel op LinkedIn en een overtuigende sollicitatiebrief.

Het is nu voor hem even wachten op een uitnodiging voor een gesprek.

Zodra die uitnodiging binnen is, gaan we samen het gesprek voorbereiden en oefenen.

 

Voor mij zijn dat mooie opdrachten. Gedreven samen aan het werk. In korte tijd flinke stappen zetten in de richting van het doel. Samen er een succes van maken.

 

 

Mocht je, nu je opeens op afstand moet werken, misschien pijnlijk ervaren dat je baan eigenlijk niet goed (meer) bij je past?

Twijfelde je voor de coronacrisis al over de bijdrage die je levert met je werk?

Loop je nu je thuis werkt daar extra hard tegenaan, zonder de afleiding van het kantoorleven?

Merk je dat je afhaakt?

 

 

Neem gerust contact met me op.

Leg je overwegingen aan me voor in een kosteloos oriënterend gesprek. Een afspraak boek je in, in mijn online agenda met deze link.

Tegen je baas zeggen dat je een paar dagen vrij neemt om te chillen en leuke dingen te doen.

Bijvoorbeeld met je vriend of vriendin.

Of met je kinderen.

Terwijl je in werkelijkheid vrij neemt omdat het je niet lukt om in de baas zijn tijd jouw werk af te krijgen.

Leaveism noemen ze dat.

 

Het is iets anders dan absenteïsme.

Of noem het gewoon verzuim.

Bij absenteïsme meld je je als werknemer ziek.

Of je dan écht ziek bent, dat is niet altijd duidelijk.

 

Ben je écht ziek, dan is het wit verzuim.

Maar je kunt je ook ziekmelden, zonder dat je écht ziek bent.

Dat is het zwarte verzuim.

Dan heb je ook nog grijs verzuim.

En zoals zo vaak bij grijze gebieden, gaat het dan om een ziekmelding op grond van reële klachten, maar waarbij het twijfelachtig is of je écht niet tot werken in staat bent.

 

Maar bij leaveism ben je dus niet ziek.

Maar lekker in je vel zit je ook niet.

Helemaal niet zelfs.

Want het lukt je niet om je werk af te krijgen in werktijd.

Ook niet met een beetje overwerken.

Of met je werk mee naar huis nemen en het dan ’s avonds thuis afmaken.

 

Je zit zodanig met je werklast in je maag, dat je vrij neemt om in eigen tijd je werk af te maken.

Leaveism; stiekem vrij nemen omdat je in werktijd je werk niet afkrijgt.

Want het is niet makkelijk om te onderkennen en voor de buitenwacht toe te geven dat je de werklast als te zwaar ervaart.

Je zelfbeeld gaat aan diggelen.

En het ondermijnt je status.

 

Leaveism kun je dan ook zien als een vorm van werkschaamte.

Je schaamt je ervoor dat het je niet lukt om binnen jouw werkuren de aan jou opgedragen taken uit te voeren en af te ronden.

Je ziekmelden wil je niet, want ziek ben je niet.

Toch heb je even ademruimte nodig om jouw werk af te kunnen maken.

En wat doe je dan?

Je kiest eieren voor je geld en neemt een paar vrije dagen op.

Maar wat je met die dagen daadwerkelijk gaat doen?

Dat hou je voor jezelf.

Want je wilt het koste wat het kost voorkomen dat men daarachter komt.

 

In het rapport van WOinactie staan de nodige staaltjes van leaveism.

Het ergst daarvan is volgens Aukje Nauta, Bijzonder Hoogleraar aan de Universiteit Leiden, misschien nog wel ouderschapsverlof-isme.

Een werknemer schrijft: “De enige uitweg die ik zie om mijn werkdruk te verlichten, is om ouderschapsverlof aan te vragen.”

Een ander heeft dat al gedaan.

Hij schrijft dat hij ouderschapsverlof heeft opgenomen om zijn taken te kunnen vervullen.

Dus niet om die 8 uur per week met zijn kinderen door te brengen.

 

Overigens blijkt uit het rapport van WOinactie dat werkenden in het Wetenschappelijk Onderwijs gemiddeld 36% van hun reguliere contractomvang extra werken.

Dat is zo’n 12 tot 15 uur per week.

Zie die maar eens bij elkaar te sprokkelen als je al fulltime werkt.

 

Kenbaar maken dat je je werk niet afkrijgt in werktijd vraagt lef.

Zeker als je niet sterk in je schoenen staat en je ervoor schaamt dat je jouw werk niet afkrijgt.

Of bang bent om je positie en status te verliezen.

Dan houd je een te grote werklast algauw liever voor jezelf.

Neem je jouw werk mee naar huis om het daar af te maken.

En lukt dat je niet?

Dan neem je maar een paar dagen vrij.

Liever dat, dan je onvermogen kenbaar maken in een gesprek met je baas.

 

En werk je niet fulltime, maar parttime?

Het is een valkuil om je werk uit te laten dijen in jouw vrije tijd.

Zeker als je makkelijk kunt uitwijken naar privé tijd.

Met als gevolg dat je fulltime met je werk bezig bent, maar zonder dat je als fulltime kracht beloond wordt.

 

 

 

Zou je wel ander werk willen?

Vooral ook omwille van de overwerkcultuur in jouw organisatie? 

Maar weet je niet wat je op de arbeidsmarkt te bieden hebt?

Wat voor werk je zou willen doen en wat voor organisatie wél bij jou past?

Neem gerust contact met me op.

Graag maak ik tijd voor je vrij om jouw vragen te beantwoorden.

 

 

Het betere is de vijand van het goede’; in feite is het een waarschuwing tegen perfectionisme.

Met grote regelmaat hoor ik perfectionisme noemen door potentiële klanten, als een van hun kwaliteiten.

Gisteren weer tijdens een oriënterend gesprek.

 

Als loopbaancoach zie ik perfectionisme niet zozeer als een kwaliteit, maar eerder als een valkuil.

Als een teveel van gaan voor kwaliteit.

Dus te veel van het goede.

 

Iets wat goed is, kun je het beste zo laten.

Als je probeert het te verbeteren heeft dat over het algemeen niet zoveel nut; goed is goed.

Bovendien bestaat het gevaar dat je het juist slechter maakt door je verbeterpoging.

 

Het betere is de vijand van het goede

 

Ik herken dat in mijn bezig zijn met het maken van keramiek.

Het kan dan gebeuren dat ik bij de afwerking iets zie, dat me nog niet helemaal zint.

Dat ik me niet kan bedwingen er met mijn vingers af te blijven, maar er nog even aan wil zitten.

Om het beter te maken.

Met als resultaat, dat ik het dan helemaal verpruts.

 

De uitdrukking ‘Het betere is de vijand van het goede’ is een afgeleide van het Franse ‘Le mieux est le mortel ennemi du bien’.

Het is een uitspraak, die wordt toegeschreven aan de Franse filosoof Montesquieu (1698-1755).

Volgens Montesquieu is het verkeerd om verbeten op zoek te gaan naar het beste.

 

En mogelijk presteer je door je vruchteloze zoektocht naar perfectie helemaal niets.

Of begin je er zelfs niet aan.

 

De Japanse monnik Matsumoto leert mensen de imperfectie te omarmen.

Tweewekelijks houdt hij in de boeddhistische tempel Komyoji, in het centrum van Tokio, zogenaamde temple mornings.

Zo’n temple morning bestaat onder andere uit een religieus deel, waarbij door de monnik luidkeels oude Japanse gedichten worden voorgelezen.

Dat is een ritueel dat binnen het Japanse boeddhisme shigin wordt genoemd.

Na het religieuze deel wordt er gezamenlijk schoongemaakt, in de tempel en de ruimte eromheen.

Door de gasten worden de temple mornings aangegrepen om een pauze in te lassen en even afstand te nemen van het stressvolle leven buiten de tempelmuren.

 

Volgens Matsumoto helpt schoonmaken ont-stressen.

Van schoonmaken leer je volgens hem perfectionisme overwinnen.

Als voorbeeld geeft hij het schoonmaken met een bezem.

Concreet, het vegen van bladeren.

Als je schoonmaakt met een bezem en je ziet na het schoonmaken dat er een blaadje valt, wat dan?

Je moet dat leren aanvaarden.

Dat doe ik iedere dag.”

 

Met mediteren en schoonmaken blijf je volgens hem werkdruk de baas.

Als je altijd probeert om alles perfect uit te voeren, dan vraagt dat steeds weer een enorme inspanning.

En steeds meer energie om uiteindelijk een voldaan gevoel te krijgen.

Met het risico dat je in een burn-out belandt.

 

Laat je als perfectionist dan ook niet misleiden door de variant van ‘Het betere is de vijand van het goede’.

Die variant is: ‘Het goede is de vijand van het betere’.

Dat is een variant die op jou als perfectionist niet van toepassing is.

 

Het is een variant in de zin van een waarschuwing voor de gemakzuchtigen.

Daarbij denk ik aan de mensen die het algauw goed genoeg vinden en snel geneigd zijn om te zeggen ”Het is wel goed zo”.

Terwijl het nog niet goed is.

Want als je het allemaal al gauw wel goed vindt, dan laat je kansen liggen om iets beter te doen of beter te maken.

 

 

Kost jouw werk je meer energie dan het je oplevert?

Mogelijk omdat je probeert alles perfect uit te voeren en voldoening ontbreekt?

 

Twijfel je over je kwaliteiten en wil je graag zicht krijgen op waar je écht goed in bent?

Neem contact met me op en leg je vragen aan me voor in een oriënterend gesprek.

Klik op deze link en maak een afspraak met me.

 

 

 

 

Vliegschaamte; onze schoonzoon hoorde voor het eerst het woord en las over het fenomeen toen hij afgelopen zomer in Nederland was.

Hij was helemaal verbaasd.

Onze dochter woont met haar gezin in Californië.

Vliegschaamte kennen ze daar kennelijk niet.

Terwijl het in mijn leefomgeving met regelmaat onderwerp is van gesprek.

Misschien ook in die van jou.

Zodanig dat je je bijna geroepen voelt om te verantwoorden waarom je het vliegtuig pakt in plaats van de auto of de trein.

 

Ik heb het mijn schoonzoon niet gevraagd, maar ik schat in dat ook het woord werkschaamte hem niet bekend is.

Is je schamen kenmerkend voor onze cultuur?

Zijn wij eerder geneigd om ons te schamen voor iets dan bijvoorbeeld binnen de Amerikaanse cultuur?

Dat zou zomaar kunnen zijn.

 

Ken jij het begrip werkschaamte?

Heb je er misschien zelf last van?

Schaam jij je voor wat je niet weet of kunt?

Ben je druk met het verbeteren van je imago, het verbloemen van je zwaktes en het managen van de indruk die je op anderen maakt?

Werkschaamte en druk zijn met het verbloemen van je zwaktes

Als dat zo is, kom uit de kast met je schaamte.

Kruip niet langer weg. Maak de weg vrij om te groeien.

 

De Amerikaanse journalist Emily deed het.

Zij werd continu afgewezen.

Toen ze het zat was, stelde ze zichzelf een bijzonder doel: in één jaar tijd 100 afwijzingen halen.

Uiteindelijk kreeg ze er 107, maar ook 43 acceptaties, waaronder een stuk in The New Yorker.

Naar The New Yorker had ze niet eerder een stuk durven sturen, uit angst voor afwijzing.

Maar nu afwijzing ineens haar doel was, was falen niet langer een optie.

 

Werkschaamte; het kan je druk doen zijn met het verbloemen van je zwaktes.

Of je onzekerheid.

 

Ik zie en hoor het ook in mijn coachtrajecten.

 

Om te beginnen is verbloemen van je zwaktes voor jou als werknemer heel belastend.

Je leidt dan als het ware een dubbelleven.

Dat kost je bakken met energie.

Niet alleen omdat je jouw werk zo perfect mogelijk wilt doen.

Maar ook omdat je jezelf verbergt achter een masker en aan jouw collega’s en leidinggevenden niet kunt laten zien zoals je werkelijk bent.

Je bent voortdurend op je hoede niet door de mand te vallen.

 

Het is dan ook geen wonder dat het je stress geeft.

En op den duur betaal je daarvoor een hoge prijs.

Bijvoorbeeld in de vorm van een burn-out.

 

Hoe heerlijk zou het zijn als je werkschaamte kunt overwinnen?

Als je jouw beperkingen durft te erkennen? En je schaamte op een positieve manier durft in te zetten om je verder te ontwikkelen?

Want ontwikkeling is nodig om je senang te blijven voelen met je werk.

Wat dat betreft is het goed om te weten dat het ontbreken van ontwikkeling, een belangrijke oorzaak is van burn-out.

En een mogelijke reden dat je ontwikkeling tegenhoudt, is dat je je schaamt voor wat je niet weet of kunt.

 

Dus:

Herken je bij jezelf werkschaamte?

 

Zie je werkschaamte onder ogen.

Ga de uitdaging aan.

Verberg je zwaktes niet langer. Maak ze bespreekbaar. Laat ze zien en horen.

Durf te erkennen dat je je soms een beetje of zelfs behoorlijk schaamt voor wat in je werk niet zo lekker gaat.

Pas dan heb je de kans om je schaamte echt te overwinnen.

 

In de eerste plaats ben je daar zelf enorm mee gebaat.

Maar ook jouw werkgever.

Want ook een werkgever deelt mee in de kosten als jij minder productief bent dan je zou kunnen zijn.

En vergeet ook niet de kosten van een burn-out voor een werkgever.

 

 

Heb je geen goed beeld van wat jij nodig hebt om goed te gedijen in je werk?

En hoe het ideale werk er voor jou uit zou kunnen zien?

Neem contact met me op.

Graag ga ik het gesprek met je aan.

 

 

 

‘Ze’ is Jolande Withuis, geboren en alweer heel wat jaren woonachtig in Zutphen.

Toevallig is Zutphen al ruim vijfentwintig jaar ook mijn woonplaats. En in zo’n klein stadje kom je medeburgers nogal eens tegen.

Vorig jaar kwam van Jolande Withuis weer een boek uit, getiteld Raadselvader.

Zo’n titel nodigt mij uit. Op de een of andere manier wordt mijn nieuwsgierigheid dan gewekt.

Ik lees graag biografieën en autobiografische verhalen. Zeker als het verhaal gaat over iemand die ik ken.

Raadselvader heb ik in een ruk uitgelezen.

Ook door de nodige herkenningspunten in het boek.

Niet omdat ik ook een raadselvader heb gehad. Wel omdat ik verschillende locaties herken, die ze beschrijft in haar boek.

En ik het leuk vind om de verhalen daaromheen te lezen.

Door het andere tijdsbestek wordt ons stadje dan weer in een ander daglicht geplaatst.

 

De CPN, de Communistische Partij van Nederland; zegt die jou nog wat?

‘De strijd’, dat kreeg ze van huis uit mee als de zin van het leven. © foto: arindambanerjee / Shutterstock.com

 

Withuis’ vader was journalist bij De waarheid, het dagblad van de CPN.

Over haar vader zegt Jolande:

Mythes, mist, mysterie – mijn vader was er een meester in.

Zijn dood, in 2009, trof mij harder dan ik had verwacht. Met verbazing zag ik de tientallen condoleancebrieven binnenstromen, waaruit bleek dat mijn vader voor veel mensen belangrijk was geweest.”

Ze realiseerde zich dat ze haar vader eigenlijk nauwelijks had gekend. Dat hij zich niet had láten kennen.

En zo begon ze haar speurtocht naar hem en naar hun gedeelde verleden.

De resultaten van die speurtocht lees je in Raadselvader.

 

Jolande Withuis kwam ik weer tegen in het boek De zin van het leven, geschreven door Fokke Obbema.

Misschien herinner je je Fokke Obbema nog van een van mijn vorige e-mails, geïnspireerd op een lunchinterview met hem voor NRC.

Als journalist bij de Volkskrant schreef hij een artikel over de hartstilstand die hij had gehad.

Dat artikel maakte veel los bij de lezers.

Die ervaring riep bij Obbema zelf grote levensvragen op, wat resulteerde in een veertigtal gesprekken met uiteenlopende gesprekspartners.

Bij die gesprekken was steeds de leidende vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’.

 

Jolande Withuis was een van de geïnterviewden.

Door het lezen van Raadselvader werd ik nieuwsgierig naar haar antwoord op de vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’

‘De strijd’, dat antwoord kreeg ze van huis uit mee als de zin van het leven.

En welke strijd? Zo vraag je je misschien af.

Dat was de strijd tegen het kapitalisme en voor een socialistische samenleving.

Met de paplepel was haar dat ingegoten.

Ze leerde dat ze maar een klein radertje was in een historisch proces.

Ze kreeg niet mee, dat je zelf iets over je leven te zeggen hebt. Dat jouw leven van jou is.

 

Als negentienjarige werd ze CPN-lid.

Een paar jaar later viel ze geleidelijk aan van het communistische geloof af.

Voor haar voelde dat als een verrijking, een bevrijding.

Vanaf dat moment mocht ze genieten van kunst en muziek en had het leven geen vastgesteld doel meer.

Haar levensles?

“Probeer het goed te hebben met jezelf. Als je vriendelijk over jezelf kunt denken, ben je aardiger voor anderen.”

 

Haar antwoord op de vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’

Geen. Wij zijn een van de miljoenen organismen op aarde die leven en sterven. We zijn er gewoon.”

En ze zegt:

Als er iets de zin van het leven is, is het wel: je eigen talenten vinden, je eigen wensen, het vak waar je je talenten in kunt ontplooien.

In dat opzicht voelt Jolande Withuis zich heel tevreden.

Wanneer het in mijn leven lekker loopt, komt de vraag naar de zin niet op. Ben ik aan het onderzoeken dan voel ik me gelukkig. Schrijven is de zin van mijn leven.”

 

 

 

Hoe is dat voor jou?

Heb jij je eigen talenten gevonden, je wensen en het vak waar je je talenten in kunt ontplooien?

Zo nee, neem gerust contact met me op.

Graag help ik je om jouw talenten en jouw wensen boven water en scherp te krijgen.

En de koppeling te maken naar hoe jij je wensen kunt realiseren en waar je jouw talenten verder kunt ontplooien.

 

 

 

 

 

Daar wilde Ellie Lust werken.

Afgelopen zaterdag las ik een interview met haar in NRC.

Misschien ken je haar van Opsporing Verzocht, Wie is de Mol? of Ellie op patrouille.

Als kind wilde ze al bij de politie.

Ze vond het stoer en te gek werk.

Maar misschien nog belangrijker voor haar was, dat de Politie een plek was waar naar rechtvaardigheid werd gestreefd.

Kennelijk was ze als roodharig meisje gepest.

Mede daarom waren de verzetsverhalen van haar grootvader voor haar belangrijk.

En herinnert ze zich nog altijd het opschrift bij een standbeeld op een pleintje in Oostzaan waar ze elke dag met haar tweelingzus langsliep: ‘Waar recht tot onrecht wordt, wordt verzet tot plicht.

 

Ze is nu bijna een jaar weg bij de politie en doet nu TV-werk.

Ze geeft te kennen wel geworsteld te hebben met de vraag of TV-werk voor haar wel zinvol genoeg is.

Want als je voor de politie werkt, dan heeft dat per definitie maatschappelijk impact.

En als je voor de TV werkt?

 

Ze wil in elk geval iets doen waarmee ze nog steeds iets mag betekenen voor de mensen.

Het is voor haar de vraag of Ellie op Patrouille dat is.

 

Het sterkt haar dat veel mensen het een leuk programma vinden.

Ze probeert in elk geval bewust goede keuzes te maken met betrekking tot de programma’s die ze maakt.

Zodat ze achter de doelen van haar werk kan blijven staan.

 

Want, als je je niet kunt verenigen met de doelen van je werk, dan gaat er iets wringen op zingevingsgebied.

 

Cruciaal is een goede match tussen persoonlijke waarden en doelen van je werk

 

Een paar mooie voorbeelden daarvan las ik in het boek Werk verzetten van Henk Steenhuis.

Het zijn tevens voorbeelden van hoe je als werknemers invloed kunt ontwikkelen op de doelstellingen van je werkgever.

 

Zo hebben medewerkers van Nutricia zich verzet tegen genetisch gemodificeerde groenten in babyvoeding.

Als die groente in de babyvoeding zou worden gestopt, dan wilden zij die voeding niet meer aan hun eigen kinderen geven.

Dat argument was doorslaggevend voor hun werkgever.

 

En zo kreeg Roger van Boxtel, die in 2015 voor één jaar werd benoemd als president-directeur van NS, de opdracht de rust en het vertrouwen te herstellen bij de spoorwegen.

Dat bleek ook wel nodig.

Want van Boxtel kreeg van medewerkers te horen dat ze het gevoel hadden voor een criminele organisatie te werken.

En als je jezelf niet wilt vereenzelvigen met een crimineel, dan wil je als werknemer niet voor zo’n organisatie werken.

 

 

En nu aan jou de vraag ‘Hoe zit jij in je werk?’.

Hoe zou je de doelen formuleren van de organisatie waar je werkt?

Is er voor jouw gevoel een goede match tussen jouw persoonlijke waarden en de waarden die men hanteert in de organisatie waar je werkt of waarvoor je werkt?

Zo nee, waarin verschillen die waarden?

Hoe zorgen die verschillen voor wrijving?

Met wie zou het zinnig zijn het gesprek aan te gaan over die verschillen tussen jouw persoonlijke waarden en de waarden in je werk?

 

En welke bijdrage levert de organisatie waar je werkt?

In hoeverre matcht dat met waar jij een bijdrage aan wilt leveren?

Heb je überhaupt een beeld van waar jij een bijdrage aan wilt leveren met het werk dat je doet?

 

 

Heb je het gevoel dat er geen goede match is tussen jouw persoonlijke waarden en de doelen van je werk?

Het in jouw huidige werk wringt op zingevingsgebied?

Zou je daarover het gesprek aan willen gaan buiten je werk?

Neem gerust contact met me op.

Graag maak ik tijd voor je vrij.

 

 

 

 

En niet om geld te verdienen.

Dat is de rotsvaste overtuiging van Ricardo Semler, Braziliaanse ondernemer en bestsellerauteur.

Die overtuiging stamt al uit de jaren 80.

Toen nam hij het machinebedrijf Semco van zijn vader over en raakte overspannen.

 

Hij besloot daarop een bedrijf te creëren waarin hij zelf graag zou willen werken.

Hij ontsloeg eerst 2/3 van het zittende management.

Vervolgens liet hij de rest van het personeel alles zelf bepalen; de werktijden, het salaris en ook hun managers.

Ook dat laatste pakte in de praktijk goed uit, want medewerkers kiezen iemand aan wie ze hun succes willen toevertrouwen.

 

Hij stelde fabriekscomités in, met vertegenwoordigers van alle bedrijfsfuncties.

Die comités kregen de bevoegdheid om te beslissen over alle aspecten van productie en verkoop.

Werknemers werden gezien en behandeld als de volwassenen die ze zijn.

Regels en procedures werden bijna volledig overboord gezet.

 

Voor zijn hotel Boutanique werden de medewerkers gekozen op basis van de vraag: mag je hem of haar? Wil je met hem of haar werken?

De mensen die de selectie deden, hadden geen lijst met competenties. Het was dus een keuze op basis van intuïtie.

 

Bij zo’n organisatie zou mijn coachklant graag werken.

Of mooier nog, als coördinator een organisatie managen volgens de ideeën van Semler.

 

Want waar hij nu zit, trappen directeur en MT naar zijn mening regelmatig op de rem.

Jarenlang heeft hij als freelancer gewerkt.

Hij ziet creatieve oplossingen, maar ziet het bedrijf geen keuzes maken.

Werk kost hem veel energie en hij krijgt er geen energie voor terug.

Hij krijgt geen waardering voor zijn werk en kan in zijn werk niet zichzelf zijn.

 

Hij is dan ook op zoek naar werk waarin hij zich nuttig kan voelen.

In een pure en oprechte omgeving.

Het is dan ook geen wonder dat het gedachtegoed van Semler hem aanspreekt.

Zowel bedrijfsgericht als mensgericht.

 

Toevallig (hoezo toevallig?) zag ik op de dag van het gesprek met mijn coachklant, een documentaire van IMU BV; de Internet Marketing Unie.

Tonny Loorbach en Martijn van Tongeren zijn de eigenaren.

De manier waarop zij hun organisatie hebben vormgegeven doet me denken aan de ideeën van Semler.

 

Ik vind het mooi om van hen te horen dat ze bij de selectie van nieuwe medewerkers in de eerste plaats kijken naar de persoon; of die past in de groep.

Of ze met zo iemand graag een biertje zouden drinken.

En of ze graag samen op vakantie zouden gaan.

Het team moet volgens hen het gevoel geven van een hechte familie.

 

En bij selectie kijken ze eerder naar de potentie van een persoon dan naar zijn skills.

 

De medewerkers krijgen veel vrijheid.

Vrijheid zonder eenzaamheid is hun slogan. En in vrijheid verbonden.

Medewerkers hebben geen omlijnde functies, maar verantwoordelijkheden die ze in vrijheid in kunnen vullen.

Hoe ze dat willen doen en waar ze dat doen, is aan hen.

 

Ik vind het ook mooi hoe Tonny Loorbach onder één paraplu inmiddels zes bedrijven heeft en een zevende in de opstart.

En om te groeien moet je durven loslaten, zegt hij.

 

Dat geldt ook voor jou.

Zeker als je niet gelukkig bent met het werk dat je doet.

 

Verandering is eng en mensen doen niet graag enge dingen.

Tenminste, de meesten niet.

Conservatisme kun je zien als een uiting van angst.

Het is een fundamentele menselijke angst om controle kwijt te raken, om het onbekende te omarmen.

Mensen willen geen controle loslaten, omdat ze dan de richting niet kunnen bepalen.

 

Volgens Semler zijn we hokjesmensen geworden en leven we in hokjesverband.

 

Mensen werken om zich goed te voelen, ergens bij te horen en een bijdrage te leveren

 

Ons leven is ingekaderd.

Zodanig dat voor veel mensen alleen iets ingrijpends hen tot verandering kan brengen.

Bijvoorbeeld een ernstige ziekte, een burn-out, een ontslag.

 

 

Durf uit je kader te stappen.

Sluit het verleden af en kijk met nieuwe ogen wat de wereld je brengt.

En wie weet, blijkt onvoorspelbaarheid een van de mooiste dingen in het leven.

Ook voor jou.

 

 

Vind je het te spannend om op eigen houtje het avontuur aan te gaan?

Graag loop ik als gids met je mee.

Je weet hoe je me kunt contacten.

 

 

 

 

Dominee James Cleveland nodigt alle bezoekers daartoe uit.

Dat is inmiddels al bijna vijftig jaar geleden, maar nu te zien in de concertfilm Amazing Grace.

De film Amazing Grace is de registratie van twee optredens van Aretha Franklin in de Afro-Amerikaanse New Temple Missionary Baptist Church in de wijk Watts van Los Angeles.

Bij die registratie was het niet helemaal goed gegaan.

Sydney Pollack, de regisseur, had geen ervaring met het maken van muziekfilms. Hij was vergeten de clapperboards mee te nemen.

Die heb je nodig als je later beeld en geluid wilt synchroniseren.

Je hebt zo’n clapperboard vast wel eens gezien. Je weet wel, zo’n beschrijfbaar bord met een scharnierend deel dat hoorbaar tegen het bord kan worden geklapperd.

Op zo’n board wordt bij een filmproductie aangegeven om welk camerastandpunt, welke scène en welke take het gaat. Soms ook om welke productie het gaat en welke regisseur erbij betrokken is.

 

Laat je horen en participeer als je de geest krijgt

 

Maar goed, die clapperboards was Sydney Pollack dus vergeten.

En het werd echt monnikenwerk om beeld en geluid goed gesynchroniseerd te krijgen.

Maar dat was nog niet alles.

Toen de film eenmaal klaar was, verzette Aretha Franklin zich tegen het alsnog uitbrengen van de film. Om onduidelijke redenen.

Maar nu kun je de film zien.

En het schijnt een revelatie, een openbaring te zijn.

 

‘Hoe Aretha Franklin de geest kreeg’; de kop van het artikel in NRC trok mijn aandacht.

Wellicht ken jij ook van die momenten dat je de geest krijgt. Bijvoorbeeld dat je ineens je huis gaat opruimen, terwijl je al tijden tegen de rommel aankijkt en er niets gebeurt.

Of dat je ineens gaat sporten of anderszins een gezonde wending aan je levensritme geeft.

 

Maar wat is dan die geest? Is het een moment van inspiratie of gewoon een spontane energie boost?

Een spontane energie boost alleen is volgens mij niet genoeg om de geest te krijgenDe geest krijgen heeft vooral te maken met inspiratie.

Waardoor energie vrijkomt.

In de film nodigt dominee James Cleveland bezoekers uit om zich te laten horen en te participeren als ze de geest krijgen.

Als ze geïnspireerd worden door het optreden van Aretha Franklin, het begeleidende koor, de musici en de hele entourage.

En als je de beelden ziet, dan is het meer dan inspiratie. Het is eerder vervoering.

 

Het krijgen van de geest; een moment van helder inzicht of een helder weten. Ineens zien, weten en voelen dat het anders kan of moet.

Dat kan ook op het gebied van werk.

Dat je ineens de geest krijgt en voor jezelf heel helder hebt dat je het huidige werk niet langer wilt doen. En dat het tijd is om jouw bakens te verzetten.

Of dat je tot de conclusie komt dat alleen het door werken van een zelfhulpboek jou niet gaat helpen om jouw koers naar de toekomst uit te stippelen.

Ik hoor het met regelmaat van potentiële klanten, die contact met me leggen. Gisteren zelfs drie.

 

Het is ook slim om je op zo’n moment mee te laten nemen in de flow en gebruik te maken van de energie die vrijkomt om zaken naar jouw hand te zetten.

Want grijp je het moment van helderheid niet, dan loop je het risico dat als vanzelf een verdedigingsmechanisme in gang wordt gezet. Een mechanisme met als doel om alles bij het oude te houden.

Daar zit je dan met je ingeving en direct begint een interne dialoog met een sluwe gesprekspartner. De interne saboteur die heel goed weet hoe die jou ertoe kan aanzetten om alle plannen te laten varen. Of op zijn minst uit te stellen.

Wees hem voor en gun hem geen spreektijd. Neem een besluit.

 

 

Maak je interesse kenbaar voor het programma ‘Bouw je ideale loopbaan’.

En twijfel je of een programma in een kleine groep aansluit bij jouw behoeften, of dat een individueel coachtraject misschien beter bij je past?

Bel (0575-544588/ 06-54762865) me gerust.

 

 

 

 

 

Slim waren ze, Daan van Renselaar en Wilco van de Kamp.

Acht jaar geleden hebben ze Stella fietsen opgericht.

Met een omzet van honderd miljoen euro is Stella marktleider in e-bikes.

 

Zelf heb ik geen Stella en ook geen e-bike.

Ik heb een mooie, sportieve, snelle fiets, waarop ik op eigen kracht heel wat kilometers weg kan trappen.

 

Succes door slim inspelen op behoeften in de markt

 

 

Toch vind ik het mooi hoe van Renselaar en van de Kamp succesvol hebben ingespeeld op de behoeften in de markt.

Hoe zij hun business hebben opgezet en hoe ze gegroeid zijn tot wat ze nu zijn.

 

Het begon vanuit de schuur van de ouders van Daan van Renselaar in Nunspeet.

Daan’s moeder wilde graag een elektrische fiets. Maar ze liep aan tegen de hoge prijzen van de beschikbare e-bikes.

 

Bovendien had ze nog een ander probleem.

Want hoe laat je zo’n zware elektrische fiets van 30 tot 35 kilo, snel repareren als een reparateur ver weg zit?

Zeker als je zelf niet mobiel genoeg bent om die zware fiets weg te brengen.

 

Zo begon het en zo sleutelde Daan van Renselaar acht jaar geleden zijn eerste e-bike in elkaar.

En ja hoor, in het schuurtje achter z’n ouderlijk huis.

 

Nu verwachtte ik dat Stella de naam van zijn moeder is, maar dat is niet het geval.

‘Stella’ is ‘ster’ in het Latijn en het Italiaans.

Een ster blinkt en ‘ster’ staat ook voor uitblinken.

En uitblinken wil Stella met zijn e-bikes.

 

Om te beginnen blinken ze uit door de prijs.

In vergelijking met andere merken e-bikes.

Zij werken zonder tussenhandel (groothandel en fietsenwinkels).

Kennelijk scheelt alleen dat al, 40% op de prijs.

 

Maar ook blinken ze uit door hun service.

Je hoeft zelf niet te gaan slepen met je e-bike, als die onderhoud vraagt of gerepareerd moet worden.

Zij bieden service aan huis.

Ook al hebben ze inmiddels een aantal servicecentra, verdeeld over het land.

 

Service aan huis is duidelijk een van hun Unique Selling Points.

Die service kost hen wat, maar levert hen veel meer op, dan dat het hen kost.

 

Lef hebben en lef blijven hebben om door te gaan; dat is hun devies als ondernemers.

Evenals het hebben van een stip op de horizon.

En die stip, die hebben ze.

In Duitsland hebben ze al voet aan de grond. En België en Denemarken volgen nog.

 

En ze gaan door met handig inspelen op ontwikkelingen.

Eerder dit jaar zijn ze hun Bike Project gestart.

Daarmee spelen ze handig in op aandacht voor duurzaamheid en ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit.

 

Hun Bike Project is een onafhankelijk e-bike leasebedrijf:

Onafhankelijk omdat iedereen bij welke fietsenwinkel dan ook, en dat geldt ook voor online, via Bike Project een e-bike kan aanschaffen.

De winkel, het merk, het maakt niet uit. De e-bike hoeft niet per se via Stella Fietsen gekocht te zijn”.

 

 

Ontwikkelingen bijhouden, zowel economisch, maatschappelijk, politiek, als op je vakgebied is cruciaal.

Wil je aan kunnen sluiten bij ontwikkelingen en behoeften in de markt.

En dus succesvol zijn in je loopbaan.

 

Dat geldt niet alleen voor ondernemers.

Maar voor professionals in zijn algemeen.

 

Naast inzicht in die ontwikkelingen moet je heel helder hebben wat jij als professional te bieden hebt.

Zodat je een koppeling kunt maken tussen wat de markt nodig heeft en wat jij met jouw kwaliteiten in de markt wilt zetten.

Of je nu wilt werken in loondienst of als zelfstandige.

Dat maakt in principe geen verschil.

 

 

In mijn programma ‘Bouw je ideale loopbaan’ leer je hoe je zicht krijgt op ontwikkelingen in de markt.

Hoe je scherp krijgt wat jij te bieden hebt, dus wat jouw kwaliteiten zijn.

En hoe je de koppeling maakt tussen wat jij te bieden hebt en waar de markt behoefte aan heeft.

 

Lees hier wat het programma jou te bieden heeft en uit welke opties je kunt kiezen.

 

En wil je eerst je vragen aan me voorleggen?

Maak een afspraak met me voor een oriënterend gesprek. Klik daarvoor op deze link.

 

 

 

 

Als lid van de Nederlandse Klim- en Bergsportvereniging (NKBV) lees ik met interesse het magazine ‘De hoogtelijn’.

Het septembernummer heeft als thema ‘In hoger sferen, oerkracht, mythe en verwondering’.

Dat doet me lezen.

Want wat is het wat de bergen, zo intrigerend en bijzonder maakt?

Niet alleen voor mij.

 

Met name het interview met mentaal klimtrainer Arno Ilgner, fascineert me.

Ik ben zelf geen klimmer, maar in zijn verhaal zijn er duidelijk koppelingen te maken naar mijn werk als loopbaancoach.

 

“Het gaat er bij het klimmen niet om dat je bovenkomt, maar dat je aan de klim begint.  

En houd je aandacht tijdens het klimmen bij het huidige moment.

Zou je in je hoofd steeds maar bezig zijn met je wens om al boven te zijn, dan vergroot je de kans dat je voet wegglijdt van een trede omdat je je aandacht daar niet bij hield.

Of dat je vergeet te rusten waar dat goed kon, zodat je later in de route onnodig snel verzuurt.”

 

Heb je je loopbaandoel helder? Realiseer stap voor stap je doel. Net als bij klimmen.

 

Zo is het ook zaak om in een loopbaantraject, als het moment daar is, te beginnen met het realiseren van het doel dat jij je hebt gesteld.

Als je een helder beeld hebt van hoe jouw ideale werk eruitziet, ga er dan voor.

Zoals een van mijn coachklanten in zijn e-mail aangaf: “Zonder te veel uit te dokteren wat de details van mijn nieuwe baan zouden moeten zijn.”

En, zoals hij terecht aangaf: “Nu is het volhouden en doen.”

 

Want door te doen, de aandacht te focussen op elke stap en vol te houden, bereik je stap voor stap jouw doel.

 

Maar vergeet ook niet om bewust pas op de plaats te maken. Als je voelt dat het nodig is.

Bijvoorbeeld om jouw ervaringen te evalueren en daarvan te leren voor een volgende stap.

Arno Ilgner zegt daarover “Je moet je eigen conclusies altijd blijven bevragen. Als klimmer, als mens. Zo leer je niet alleen beter snappen hoe de zaken in elkaar zitten, maar leer je vooral ook hoe jijzelf in elkaar zit.”

 

 

Prestaties zijn namelijk diep verweven met de menselijke psyche, volgens Arno Ilgner.

“Je prestaties worden beïnvloed door je aandacht en je angst, maar ook door je emoties, je intuïtie en de manier waarop je jezelf als mens identificeert en beoordeelt.

Beschouw je jezelf als een hopeloze klimmer? Of raak je gefrustreerd als je uit een route met een lage waardering valt, omdat je vindt dat je die eigenlijk zou moeten uitklimmen?”

 

Dan heeft dat invloed op jouw prestaties.

 

En dat geldt niet alleen voor klimmers, maar ook voor succesvol werk maken van ander werk.

Overigens in zijn algemeenheid, voor het realiseren van doelen die je jezelf hebt gesteld.

 

 

Voor een klimmer is het belangrijk om een adequate inschatting te maken of een klimroute bij hem past. Dus het doel dat hij wil realiseren.

Voor jou als baanzoeker is het zaak om een helder beeld te hebben van het werk dat je wilt doen en dat optimaal past bij jou.

 

Een klimmer ‘leest’ zijn route alvorens die te klimmen, om zijn tactiek en zijn klimroute te bepalen.

Voor jou als baanzoeker is het belangrijk om jouw strategie en jouw tactiek uit te stippelen. Zodat je de kans aanzienlijk vergroot dat je jouw ideale werk echt realiseert.

 

 

Wil je, zoals een van mijn e-zine abonnees me vandaag mailde, misschien iets anders, maar heb je geen idee welke job bij je past?

Lees mijn aanbod betreffende het programma ‘Bouw je ideale loopbaan’ en meld je aan.

Gegarandeerd heb je na het programma een helder beeld van het werk dat je wilt doen.

En kun je in gesprekken heel duidelijk maken wie je bent en wat je kunt.

Bovendien heb je scherp wat jou van anderen onderscheidt; jouw Unique Selling Points (USP’s).

En last but not least:

Kan je een en ander beargumenteren aan de hand van jouw (werk)ervaring tot nu toe.

 

 

Meer lezen over het programma en je aanmelden voor ‘Bouw je ideale loopbaan’ kun je hier.