Tag Archief van: durf

In plaats van schaamte weg te drukken, durf erbij stil te staan 

 

Schaamte is een rotgevoel; dat zul je met me eens zijn. Als je je schaamt, dan wil je daarvan weg. Terwijl het juist goed is om erbij stil te staan. Omdat schaamte je de weg wijst naar jouw verlangen.

Schaamtevrij worden is de manier om schaamte in te zetten als krachtbron.

 

Schaamte wijst je de weg naar je verlangen

 

Verschil tussen schaamteloos en schaamtevrij

 

Ook al lijken de begrippen ‘schaamteloos’ en ‘schaamtevrij’ ogenschijnlijk op elkaar. Er is een wezenlijk verschil.

Ben je ‘schaamtevrij’, dan etaleer je je schaamte, in plaats van dat je je schaamte verbergt. Zoals Aukje Nauta in haar boek nooit meer doen alsof aangeeft: ‘Je kunt gelijktijdig trots zijn op wie je bent, wat je doet en weet en durft jezelf openlijk te schamen en je schaamte de vrije loop te laten.’

Schaamte is dus niet de tegenpool van trots; je kunt tegelijk schaamte en trots ervaren. Als je je schaamte paart aan trots, dan mag de schaamte er zijn. Dan laat je die vrij.

Bij ‘schaamteloos’ kun je denken aan lompheid, botheid, brutaliteit. Dat is dus echt totaal anders.

 

 

Je schaamte onderzoeken om te komen tot inzichten met betrekking tot je verlangen

 

Om schaamtevrij te worden helpt het om je schaamte zorgvuldig te gaan onderzoeken.

Aukje Nauta beschrijft 5 stappen om te komen tot diepere inzichten over wat je werkelijk wilt.

 

Stap 1: Herken de schaamtesignalen

Mensen die zich schamen verbergen zich voor de buitenwereld of gaan het gevecht aan; flight of fight.

Misschien is ‘flight’ voor jou persoonlijk herkenbaarder dan ‘fight’.

Zowel bij vluchten als bij vechten probeer je de kloof die je bij schaamte ervaart, tussen wie je bent en wie je graag wilt zijn, te dichten.

Bij vluchten bijvoorbeeld door je klein te maken of je handen voor je ogen te slaan. Maar het kan ook zijn dat je in gesprekken met collega’s, vrienden of familie oppervlakkig blijft, omdat je een open gesprek wilt ontvluchten. En kiest voor onderwerpen die veilig voelen omdat er schaamte in het spel is.

Aukje Nauta zegt daarover: ‘De belangrijkste indicator van schaamte is niet wat er gezegd wordt, maar wat er niet gezegd wordt.’

 

Stap 2: Erken de schaamte

Zeg tegen jezelf: ‘Hé, ik schaam me.’

En schaam je niet voor je schaamte.

Schaamte is tegelijk iets moois en iets lelijks.

Het mooie is dat schaamte laat zien dat je je bewust bent van je falen. Dat je inziet dat je sociaal en moreel tekortschiet. Dat er iets aan jezelf te verbeteren valt. Dat je je ervan bewust bent dat je kunt leren en groeien.

Het lelijke (of noem het, het vervelende, het voor jou negatieve) is dat schaamte je imperfectie laat zien in relatie tot anderen.

 

Stap 3: Beschrijf je schaamte

Schrijf echt op en omschrijf heel precies wat de kloof is tussen wie je bent en wie je wilt zijn.

En verder

 

Stap 4: Onderzoek je verlangen

Wat ligt er achter die norm waarvan je afwijkt, waardoor je dat gevoel van schaamte ervaart?

Welke waarde ligt er ten grondslag aan de norm of normen die jouw schaamte opwekken?

Doe zelfonderzoek naar het verlangen: omschrijf zorgvuldig wat je nu precies wilt en waarom je dat wilt:

  • Waar verlang jij ten diepste naar?
  • Wat wordt er gezien de groepsnorm van je verlangd?
  • Wat betekent die botsing voor wat je werkelijk wilt?

 

Stap 5: Onderzoek met wie je je wilt verbinden

Het verlangen achter je schaamte is volgens Aukje Nauta ten diepste een verlangen om erbij te horen, omarmd te worden, bemind te worden.

Je wilt je met anderen verbinden.

 

Samenvattend voor dit artikel en mijn vorige artikel:

Wil je schaamte inzetten als krachtbron voor leven en werken?

  • Het begint met het besef dat schaamte een krachtbron is
  • Schaamte is niet iets om weg te stoppen of te overschreeuwen
  • Schaamte is iets om te koesteren vanuit het besef dat je net als ieder ander mensen zoekt naar manieren om je liefdevol te verbinden met de mensen om je heen
  • Schaamte wijst je zodoende de weg naar je verlangen
  • Deel dus je schaamte, etaleer haar openlijk. Niet alleen verdwijnt dan het rotgevoel dat met schaamte gepaard, het opent ook de weg naar je verlangen door jezelf, je omgeving of allebei te verbeteren
  • Maak je verlangen manifest en realiseer je dat dat verlangen ook van betekenis is voor keuzes die je maakt in je loopbaan.


Zie je nog niet hoe je jouw verlangens kunt verbinden met je loopbaanoriëntatie? 

Ik help je graag op weg.

 

 

Eerste aanzet tot het benutten van schaamte als krachtbron

 

‘Oh, ik ben zo stom geweest’, zegt ze. Ze had gekeken op het profiel van een persoon die ze wilde contacten voor meer informatie over haar vraag. En had gezien dat hij teruggekeken had op haar profiel.

We voeren het coachgesprek online via Teams en terwijl ze het zegt, zie ik dat ze zich schaamt.

Als in een reflex pak ik het boek dat op mijn bureau ligt. ‘Daarvoor hoef je je niet te schamen. Daar is niets mis mee.’, zeg ik. En ik houd de cover van het boek voor de camera en vraag haar ‘Kun je het zien?’.

 

Ik heb het over het boek van Aukje Nauta met als titel nooit meer doen alsof en als ondertitel ‘Denk je schaamte om en maak het je kracht.’

Het boek ligt voor mij nog binnen handbereik omdat ik het net gelezen heb en nog even bij de hand wil houden.

 

Spontaan zeg ik tegen mijn klant ‘Je hoeft je helemaal niet te schamen, het is juist krachtig dat je actief op zoek gaat naar de persoon waarvan je inschat dat die voor jou van betekenis kan zijn. En dat je zijn profiel bekeken hebt om je alvast een beeld van hem te vormen.’

 

Je schaamte inzetten als krachtbron

 

Aukje Nauta, auteur van ‘Nooit meer doen alsof’

 

Ik ontmoette Aukje Nauta op een zogenoemde ‘Zalige zondag’ in de Theaterloods van Radio Kootwijk.

Aukje Nauta is psycholoog, bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Leiden, organisatieadviseur en voormalig kroonlid van de SER. Als loopbaanprofessional ken ik haar als spreker en schrijver over met name duurzame inzetbaarheid.

Zelf noemt ze zich een ‘nepprofessor’. Publiceren in wetenschappelijke tijdschriften doet ze nauwelijks meer en voor het begeleiden van promovendi heeft ze naar haar zeggen al helemaal geen tijd meer, op die ene dag in de week dat ze aan de universiteit verbonden is.

Ze focust nu op het populariseren van psychologische wetenschap. En is als wetenschapper lid van het team van de Theaterloods.

 

 

Wat is schaamte precies?

 

Aukje Nauta definieert schaamte als: ‘een sociale, morele, pijnlijke emotie die je ervaart als je vindt dat wie je bent niet voldoet aan bepaalde normen.’

 

Schaamte als een sociale emotie.

Als je je schaamt, zegt Nauta, dan ben je bang dat andere mensen je zien als incompetent, misvormd, belachelijk of anderszins onder de maat.

Als je je schaamt, dan strookt wat je doet niet met hoe het hoort en de schaamte maakt je daar pijnlijk van bewust.

Je hebt persoonlijk last van jezelf en dat wordt veroorzaakt doordat je je tegenover andere mensen niet goed genoeg voelt.

 

Schaamte als een morele emotie.

Mijn coachklant die op het profiel gekeken had van de persoon die mogelijk voor haar van betekenis kon zijn, schaamde zich omdat ze het gevoel had dat ze had zitten gluren op andermans profiel.

De schaamte deed haar beseffen dat dat misschien ongepast was en eigenlijk niet door de beugel kon.

In mijn optiek is het overigens ongepaster om anoniem profielen te bekijken, dan in alle openheid met je eigen profiel zichtbaar te zijn als bezoeker van het profiel van iemand anders.

Voor mij voelt anoniem een profiel bezoeken pas echt als ‘gluren’. Maar dat is heel persoonlijk.

 

Schaamte als pijnlijke emotie

Als je je schaamt, dan heb je het gevoel dat je tekortschiet. Je wordt je pijnlijk bewust van de discrepantie tussen wie je bent en wie je graag zou willen zijn.

En eigenlijk wil je je het liefst verbergen, maar juist door het schaamrood val je nog meer op en trek je juist de aandacht. Terwijl je dat nou net niet wilt.

Om niet gezien te worden kan het zijn dat je als in een reflex je gezicht verbergt door je handen voor je gezicht te slaan. Zoals kinderen hun handen voor hun gezicht kunnen houden om te manifesteren dat ze er niet zijn.

 

 

Je schaamte inzetten als krachtbron; een eerste aanzet

 

Aukjes definitie van schaamte – een sociale, morele, pijnlijke emotie die je ervaart als je vindt dat wie je bent niet voldoet aan bepaalde normen – geeft aan dat er achter schaamte iets moois zit.

Mensen willen deugen, voor zichzelf en voor anderen. Denk daarbij maar aan het boek van Rutger Bregman De meeste mensen deugen. En volgens Nauta is ‘deugen’ het verlangen waar schaamte je op wijst.

Schaamte wordt voor jou een krachtbron als je ontdekt dat er een verlangen achter verborgen is, een verlangen om te deugen.

 

Welke stappen daarvoor nodig zijn, lees je in mijn volgende artikel.

 

 

 

 

Ook al heb je een vaste baan

 

Misschien voel je de druk van een dreigend ontslag. En voel je je geroepen om werk te maken van ander werk.

Misschien voel je die druk niet, maar ben je niet happy met het werk dat je doet. Je bent toe aan een nieuwe uitdaging en je ziet niet hoe je die in je huidige baan kunt realiseren.

Je voelt je misschien gevangen in je vaste baan. Die laat je immers niet zomaar los.

Maar ook al heb je een vast contract, het kan voor jou echt tijd zijn om werk te maken van ander werk. Mogelijk zijn er signalen die daarop wijzen.

In mijn artikel noem ik er een zestal. Ook geef ik je tips om een beweging in de richting van ander werk in gang te zetten.

 Tijd om werk te maken van ander werk

 

Kansen op de arbeidsmarkt, ongeacht hoe goed of hoe slecht jouw situatie op dit moment is

 

Ik kan me voorstellen dat je in eerste instantie geneigd bent om te blijven zitten waar je zit, zeker met een vast contract. En als je zelf niet geneigd bent om te blijven zitten, dan praat je omgeving wel op je in.

Maar met een vast contract ben je nog niet verzekerd van een baan. Waarom dan blijven zitten als je echt toe bent aan een volgende stap?

 

Jij weet vast ook wel dat werkgevers klagen over gebrek aan gekwalificeerd personeel.

Voor gekwalificeerde en gemotiveerde baanzoekers zijn er zeker kansen op de arbeidsmarkt om hun werksituatie te verbeteren. Ongeacht hoe goed of hoe slecht hun situatie op dit moment is.

Als je je ervoor inzet, is het zeker mogelijk om de baan te vinden of te creëren die optimaal bij je past.

Het is dan ook zaak om signalen dat het tijd is om werk te maken van ander werk, serieus te nemen. Ook al heb je nu een vaste baan.

 

Zes signalen dat het tijd is om werk te maken van ander werk, ook al heb je nu een vaste baan

 

Er zijn vast meer signalen dat het tijd is om werk te maken van ander werk. Maar ik noem je er zes.

 

1.   Je hebt geen mogelijkheden meer om te groeien als professional

Jij wilt een loopbaan, je wilt niet alleen een baan. Je wilt doorstromen naar een andere functie of promotie maken. Maar die kansen krijg je niet.

Ook al zet je je voor 100% in voor je werk, het heeft geen effect op je reputatie. En in gesprek met je leidinggevende over je ambities, heb je het gevoel dat je niet wordt gehoord.

Tip:

Doe je onderzoek naar organisaties, die een lerende omgeving ondersteunen. Waar experimenteren en fouten maken deel zijn van het leer- en ontwikkelproces als professional. En waar je de mogelijkheid hebt om door te groeien en meer verantwoordelijkheid te dragen.

 

2.   Je zoekt een nieuwe uitdaging

In je werk gaat alles zijn gangetje. Soms is de ene dag nog saaier dan de andere. Je wilt uitgedaagd worden door nieuwe of moeilijker taken en je wilt nieuwe mensen ontmoeten.

Je hebt het gevoel dat je kwaliteiten beter tot hun recht komen in een andere rol of in een nieuw werkveld.

Tip:

Doe je onderzoek naar werkplekken waar jouw kwaliteiten optimaal tot hun recht komen. Waar men kampt met problemen waarvoor jij de oplossing bent. En waar jouw interesses overeenkomen met de interesses van de business.

 

3.   Je wilt meer autonomie

Je voelt je voortdurend gecontroleerd. Alsof je de hete adem van je leidinggevende in je nek voelt.

Of je moet werken in een keurslijf, volgens voorgeschreven regels en procedures. Dat past niet (meer) bij jou.

Tip:

Doe je onderzoek naar organisaties die meer sturen op output. Die werknemers de ruimte geven om zaken aan te pakken op hun manier. Als ze de gestelde doelen maar halen.

 

4.   Je wilt meer support

Je hebt het gevoel dat je alles zelf uit moet zoeken. Niemand steekt een reikende hand naar je uit.

Je krijgt ook geen feedback, zodat je niet weet of je op de goede weg zit. Dat heeft een negatief effect op je functioneren en maakt je onzeker.

Tip:

Doe je onderzoek naar organisaties waar men open staat voor mentoring van nieuwe medewerkers. Waar men geneigd is om collegiaal samen te werken en waar sprake is van kruisbestuiving.

 

5.   Je hebt geen plezier meer in je huidige werk

Je voelt je niet meer thuis in de cultuur van de organisatie en je kunt moeilijk overweg met je collega’s. Of je hebt het moeilijk met je baas. Misschien maakt hij je zelfs het leven zuur.

Tip:

Doe je onderzoek naar de cultuur van organisaties die interessant voor jou kunnen zijn.

Wat voor mensen werken daar? Hoe gaat men met elkaar om? Welke stijl van leidinggeven is kenmerkend?

 

6.   Je kunt je niet langer vinden in de richting waarin de organisatie zich ontwikkelt

Misschien mis je een duidelijke koers. Of kiest het management voor een koers die de jouwe niet is.

Het kan ook zijn dat het lastig, zo niet onmogelijk voor je is om je collega’s mee te krijgen in waar jij voor gaat en staat.

Tip:

Doe je onderzoek naar organisaties die wat betreft interesses, waarden en doelen bij je passen.

Onderzoek ook in hoeverre ze daadwerkelijk in praktijk brengen wat ze verkondigen.

 

 

Wil je weten hoe je onderzoek doen aanpakt?

Lees het in hoofdstuk 10 van mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?

 

Durf werk te maken van ander werk, als jij voelt dat het daarvoor tijd is. Zeker als je een of meer van genoemde signalen herkent en onderkent.

Laat je niet gevangen houden door een vast contract. Want werkgevers zitten te springen om gekwalificeerde professionals.

En een contract voor onbepaalde tijd biedt nog geen zekerheid van een baan.

 

 

Heb jij ervaring met het werk maken van ander werk, vanuit een vaste baan?

Wat waren voor jou signalen of wat was voor jou het signaal dat het daarvoor tijd was?

Ik lees je reactie graag.

 

 

 

 

Stappenplan om te komen tot een oplossing van een loopbaandilemma

 

“Door mijn huidige werkgever is ontslag voor mij aangevraagd en verleend door het UWV (economische gronden). 

Nu kan ik ergens anders beginnen. Er wordt me een jaarcontract geboden. Het loon is helaas de helft van wat ik nu verdien.

Ik zit nu in dubio: wat als ik dit doe en na een jaar het contract niet verlengd wordt?

Wat als ik dit nu niet doe en ik over een jaar nog niks heb gevonden?

Wat is wijsheid?”

 

De vraag van Heidi is een mooi voorbeeld van een loopbaandilemma. Een loopbaandilemma dat jij, mogelijk in een variant, herkent.

Welke keuze maak je? Wat is dan wijsheid?

 

Stappenplan oplossen loopbaandilemma

Een loopbaandilemma

 

Misschien sta je, net als Heidi, voor een keuzemoment in je loopbaan. En vraag je je af wat is verstandig om te doen?, wat kies ik?.

Je hebt een loopbaandilemma; je aarzelt om een keuze te maken tussen ja of nee, het een of het ander.

Zo’n lastige keuze staat meestal niet op zichzelf. Vooral ook, omdat de context waarin jij jouw besluit moet nemen, heel bepalend is.

In die context spelen verschillende factoren een rol. Die factoren kunnen jouw keuze positief of negatief beïnvloeden.

 

Heidi geeft daarvan zelf een paar voorbeelden.

Zij geeft voorbeelden van krachten die haar drijven in de richting van de andere baan. En tegenkrachten die haar eerder van die nieuwe baan afhouden.

Dat voelt als een spanningsveld. Een spanning tussen enerzijds krachten ten gunste van ‘ja’, anderzijds krachten ten gunste van ‘nee’.

Het is dan ook vaak moeilijk om de belangen tegen elkaar af te wegen en daarin een balans te vinden.

 

 

Het vinden van balans bij een loopbaandilemma

 

Bij een loopbaandilemma heb je te maken met een krachtenspel dat twee kanten op gaat. In zekere zin is er sprake van een tegenstelling.

Die tegenstelling zul je op de een of andere manier moeten overbruggen, daar een balans in vinden. Als je dat lukt, dan geeft dat rust. Bovendien geeft balans energie.

Als het je niet lukt om die balans te vinden, dan zal dat eerder energie kosten.

 

Zo zal het Heidi waarschijnlijk energie kosten als zij, ingegeven door angst om werk/inkomsten te verliezen, kiest voor werk dat niet bij haar past. Dat voor haar doen heel slecht verdient, bovendien. Zij loopt dan het risico dat zij haar motivatie verliest. Misschien zelfs opbrandt in haar werk.

Anderzijds kan het ook zijn, dat geen werk hebben Heidi zodanig beangstigt, dat ook dat haar veel energie kost. Waardoor zij maar weinig energie overhoudt voor werken aan werk.

Wil je lezen hoe dat werkt? Lees een van mijn vorige artikelen er (nog) eens op na.

 

 

Hoe een loopbaandilemma op te lossen; een stappenplan

 

Een loopbaandilemma geeft onrust. Een keuze kunnen maken geeft balans en dus rust. Zeker als voor jouw gevoel de keuze een goede is.

Ik geef je een stappenplan aan de hand waarvan jij jouw keuze kunt maken. Ik illustreer dat stappenplan aan de hand van het verhaal van Heidi.

 

1.   Omschrijf je loopbaandilemma

Om welke keuze gaat het? Wat is jouw loopbaandilemma?

Zo wil Heidi kiezen tussen Kies ik voor voorlopig even geen werk (en gebruik maken van een WW-uitkering)? of Kies ik voor het werk dat me aangeboden wordt?.

 

2.   Inventariseer welke krachten inwerken op de keuze die een dilemma voor je is

Dat kunnen zowel bevorderende als belemmerende krachten zijn. Bevorderende krachten trekken je naar de keuze voor een bepaald alternatief toe. Belemmerende krachten  houden je er eerder van af.

 

Naar aanleiding van het verhaal van Heidi geef ik je een paar voorbeelden:

a)   Over het algemeen kun je gemakkelijker van een baan naar een baan gaan, dan van een uitkering naar een baan.

b)   De baan voorziet haar van inkomsten en maakt haar onafhankelijk van een uitkering.

c)   Door die baan nu aan te pakken blijft ze in een werkritme en in de running.

d)   Het aangeboden werk kan een instrument zijn om te realiseren wat ze uiteindelijk voor ogen heeft. En zo kan die baan haar mogelijk helpen om weer aan het werk te komen in een functie en werkveld die echt bij haar passen.

e)   De baan kan sterk passen bij haar kwaliteiten en bij andere factoren die bepalend zijn voor fijn werk. Ik kan dat op grond van de door haar gegeven informatie niet inschatten.

f)    Het is niet altijd verstandig om zomaar ‘alles’ aan te pakken om maar aan het werk te zijn.

g)   De financiële risico’s met betrekking tot haar sociale zekerheid. Wat betekent het als het eenjarig contract niet wordt verlengd, temeer omdat zij daarbij nog maar de helft van haar huidig salaris gaat verdienen?

h)   De kansen en mogelijkheden die zij heeft, gegeven de huidige arbeidsmarkt.

 

3.   Ga van elke kracht na of die bevorderend werkt t.a.v. de keuze van een bepaald alternatief of juist remmend

Zo te zien zijn a tot met c bevorderende krachten. Eerder belemmerende krachten zijn f en g. De voorbeelden d, e en h kan ik op grond van de door Heidi gegeven informatie niet inschatten.

 

4.  Benadruk welke krachten het meeste gewicht in de schaal leggen

Maak ze vet of highlight ze. Stel ook vast of het om een niet veranderbare kracht gaat of om een kracht die beïnvloedbaar is.

Want belemmerende factoren kun je soms kleiner maken en bevorderende factoren kun je soms sterker benutten.

Zo krijgt Heidi een jaarcontract aangeboden, maar dat betekent niet dat zij er voor een jaar aan vast zit. Als haar baan niet te veeleisend is, zou ze naast haar baan volop werk kunnen maken van ander werk, dat beter bij haar past.

Het loon in de aangeboden baan is de helft van wat ze nu verdient, maar mogelijk kan ze daarover nog in onderhandeling.

 

5.   Het nemen van het besluit

Als je het proces van het expliciet benoemen en onderzoeken van de invloeden hebt doorlopen, kun je een beslissing nemen.

Doordat je de diverse invloeden op je keuzeproces onder ogen hebt gezien en hebt gewogen, heb je beter in de vingers waarvoor je kiest. En kun je een keuze maken waar je daadwerkelijk achter kunt staan. En waar je gemakkelijk met anderen over kunt communiceren.

Zodat je vol energie voor je keuze kunt gaan.

 

 

Heb jij een eigen voorbeeld van een loopbaandilemma? En wil je dat delen? Ik lees je reactie graag.

 

 

 

 

Waarom minder uren werken lang niet altijd de oplossing is als je grote werkdruk ervaart.

 

Je bent goed gek’, zei mijn man. ’Dan ga je nog meer werken in je eigen tijd.’

Ik herinner het me nog goed. Het was jaren geleden, voordat ik als zelfstandig ondernemer aan het werk ging.

Al met al heb ik 25 jaar als docent in het onderwijs gewerkt. Vier jaar als docent handvaardigheid, zeven jaar als docent Algemene Onderwijskunde, vier jaar als docent gesprekstechnieken en observatiekunde en tien jaar als docent theorie en methoden loopbaanbegeleiding.

Met uitzondering van de jaren als docent handvaardigheid, heb ik steeds deeltijdbanen gehad. Met wisselende taakomvang, variërend van 0,4 tot 0,7 fte met soms een aanvulling tot 0,9 fte. Afhankelijk van de vraag.

Bij tijd en wijle was ik buiten mijn werkuren nog behoorlijk druk met mijn werk. Met name met het voorbereiden van mijn lessen en nawerk, zoals het beoordelen van opdrachten, nakijken van toetsen of het beoordelen van casuïstiek.

Dat deed me weleens verzuchten: ‘Misschien moet ik wat minder uren gaan werken.’

Maar of het verkleinen van je taakomvang dan de oplossing is?

 

Hoe kleiner de aanstelling, hoe meer werkdruk

 

Meerderheid van de docenten werkt niet voor niets in deeltijd

 

De gemiddelde aanstelling in het onderwijs is 28,8 uur.

Veel docenten werken parttime omdat ze anders hun werk niet afkrijgen. Of geen tijd meer overhouden voor wat naast hun werk belangrijk voor hen is.

Want werk je zelf fulltime in het onderwijs, dan zul je dat vast herkennen. En kijk je huiswerk of opdrachten bijvoorbeeld na in het weekend en bereid je je lessen voor in de avonduren, omdat je daar overdag niet aan toe komt omdat je dan je lessen geeft.

Parttime werken in het onderwijs heeft overigens niet alleen te maken met de keuze van de onderwijsgevenden. Als je de onderwijsvacatures een beetje in de gaten houdt, dat weet je dat veel parttimebanen worden aangeboden. Soms is het sprokkelen geblazen als je fulltime wilt werken. En wordt het bijvoorbeeld 0,4 fte op de ene school, aangevuld met 0,5 of 0,6 fte op een andere school.

En dan maar op en neer, van de ene school naar de andere en vergaderingen hier en vergaderingen daar. Waardoor het aantal uren dat je bezig bent met je werk alleen maar toeneemt. En de eventuele werkdruk eveneens.

In onderzoek van de Algemene Onderwijs bond (AOb) komt naar voren dat docenten structureel overwerken. Omgerekend naar fulltimebanen draaien docenten in het primair onderwijs een gemiddelde werkweek van 46,9 uur. Docenten in het voortgezet onderwijs komen aan 45,2 uur.

En ook docenten in het hoger onderwijs ervaren een steeds hogere werkdruk.

 

 

Werkdruk is niet hetzelfde als het druk hebben op je werk.

 

Het druk hebben op je werk is niet per definitie ongezond.

Je kunt het druk hebben op je werk en heel enthousiast zijn over wat je doet. Je voelt je betrokken bij je werk en de organisatie waarvoor je werkt.

Hard werken houd je dan goed vol, omdat je tijdens je werk vooral flow ervaart. Je gaat helemaal op in wat je doet, beleeft er plezier aan en bent intrinsiek gemotiveerd.

Als je bevlogen je werk doet, dan levert werk je energie op, in plaats van dat het je energie kost.

 

Ongezonde werkdruk levert werkstress op.

Bij een ongezonde werkdruk is er een structurele disbalans tussen wat er van iemand wordt verwacht op het werk en wat hij kan doen.

 

 

Er is een verschil tussen objectieve en subjectieve werkdruk

 

Bij objectieve werkdruk vraagt de uitvoering van het werk meer tijd van je dan je als medewerker beschikbaar hebt. Wil je dat als medewerker oplossen, dan kun je dat doen door te overwerken of accepteren dat er achterstanden ontstaan in het werk.

Subjectieve werkdruk heeft meer te maken met hoe jij als werkende de werkdruk beleeft. Daarbij maak je een inschatting van de taakeisen die aan je worden gesteld en de regelmogelijkheden die je ervaart. Die laatste hebben namelijk invloed op jouw beleving van werkdruk.

Zo werkt bijvoorbeeld een van mijn coachklanten structureel over, omdat na werktijd nog bloed- of urineonderzoekjes moeten worden gedaan of patiënten moeten worden teruggebeld. Het zou voor haar minder werkstress geven als ze daarin zelf zou kunnen sturen, bijvoorbeeld tussen de praktijkafspraken door tijd zou kunnen reserveren voor het terugbellen van patiënten. En bloed- en of urineonderzoeken zou kunnen uitbesteden aan de assistente.

Pogingen om haar afsprakenagenda zo in te richten dat ze in ‘werktijd’ de ruimte heeft voor taken zoals genoemd, blijken niet succesvol. Steeds weer wordt er in die geplande tijd een beroep op haar gedaan. En de assistentes zijn meestal op tijd naar huis, waardoor zij na ‘werktijd’ met regelmaat nog enige tijd bezig is voordat ze naar huis kan.

In een van mijn vorige artikelen lees je hoe taakeisen die aan je worden gesteld als stressoren kunnen worden ervaren, maar ook als uitdaging.

 

 

Minder uren werken is lang niet altijd de oplossing als je grote werkdruk ervaart

 

Een risico van parttime werken is dat je in vergelijking met mensen die fulltime werken meer kunt ‘uitdijen’ in je werk.

Werk je fulltime, dan werk je sowieso al vijf dagen. Misschien met overwerk nog iets meer. Werk je parttime, dan heb je mogelijk meer ruimte voor werk, buiten je werk. Waardoor je er makkelijker meer tijd voor kunt pakken. En je ‘werktijd’ dus minder begrensd is. Met het risico dat een contract voor minder uren leidt tot nog meer uren werken in eigen tijd.

Ben je een toegewijde werker met een groot verantwoordelijkheidsgevoel? Wees erop bedacht dat je niet doorschiet in perfectionisme. Goed is goed genoeg.

Wat dat betreft kun je veel leren van de mensen waar je de grootste moeite mee hebt. Want die hebben, zij het in een doorgeschoten vorm, een kwaliteit waarvan het goed zou zijn dat je daarvan iets zou ontwikkelen.

Voordat je besluit om minder te gaan werken, waarvoor je dubbel de prijs betaalt, benut de regelruimte die je zelf hebt om de druk te laten afnemen. Voor sommigen is het bijvoorbeeld veel beter om nog een uurtje langer op je werk te blijven, het werk af te hebben en met een lege tas naar huis te gaan. In plaats van er thuis nog veel meer uren aan te besteden.

Heb je zelf niet de mogelijkheid om je taken te herschikken, ga dan in gesprek met je leidinggevende over hoe je je werk zo kunt kneden, dat het beter bij je past; jobcraften.

 

 

 

Heb je last van ongezonde werkdruk en ervaar je veel stress op je werk?

Neem contact met me op, via e-mail ([email protected]) of via telefoon 06-54762865/ 0575-544588.

In een oriënterend gesprek onderzoeken we wat er schort aan je huidige werk en wat je nodig hebt om het tij te keren.

 

 

 

 

Angst en moed brengen mij terug naar zomer 2010.

Samen met man en kinderen heb ik al heel wat huttentochten gelopen. Al jaren ben ik lid van de Nederlandse Klim en Bergsport Vereniging (NKBV) en onze zonen hebben al de nodige cursussen en tochten van de NKBV gevolgd.

Zomer 2010 valt onze keus op een huttentocht in de Spaanse Pyreneeën. Inlopen doen we in Frankrijk. Voor mij is het iedere keer weer dikke pret als we het eerste sneeuwveld tegenkomen. Heerlijk! Sneeuw als beloning voor de klim.

Na een ruime week zitten we er lekker in, zijn goed ingelopen en beginnen aan onze huttentocht in de Spaanse Pyreneeën. Het is er prachtig en ik kijk mijn ogen uit. We hebben het gezellig met zijn viertjes. Onze jongste zoon en zijn vriendin zijn met ons mee. Zoonlief is een goede berggids. En een ‘berggeit’, zoals later zal blijken.

We overnachten in de Refugi Colomina, een kleine en gezellige hut op 2.295 meter boven de zeespiegel. Energiek vervolgen we onze tocht met stevig klimmen en dalen en af en toe best wel uitdagende passages. Thomas met al zijn ervaring in de bergen weet ons overal goed doorheen te loodsen. Soms denk ik ‘Zo, dit hebben we weer gehad, het is maar goed dat ik hier niet nog een keer door- of overheen hoef.

Er ligt volop sneeuw. Maar zonder stijgijzers is die goed te belopen. Totdat het steil naar beneden gaat. Ik zie het plaatje nog voor me. Een kom en een en al sneeuw. Een alternatieve route zou vele uren omlopen betekenen. Teruggaan naar de hut willen we niet. Dus we moeten wel.

Voor mijn gevoel heb ik samen met Martin, mijn man, wel een uur op de rand van de kom gezeten, starend naar beneden. De meest enge denkbeelden kwamen in me op. Hoe kom ik hier heelhuids vandaan?

Eerst de rugzak maar eens af. Thomas doet de proef op de som om een indruk te krijgen van hoe steil de helling is. Voor hem een makkie. Als een berggeit hupt hij vol zelfvertrouwen van de helling naar beneden. Met rugzak op. Geen probleem, zou je denken. Het wordt pas een probleem als je bang bent. Dan sta je wiebel op je benen en mis je de stevigheid en stabiliteit die je juist nodig hebt.

 

 

Ik denk dat het een klein half uurtje geduurd heeft voordat ik ‘om’ was. Thomas heeft mijn rugzak naar beneden gebracht. En met de neus van zijn bergschoenen zigzaggend op de helling als het ware een trappetje gemaakt waarin ik de neuzen van mijn schoenen kon zetten. En met mijn vingers kon ik me vast klauwen in de sneeuw. Daarbij dan niet achteromkijken hoever ik nog naar beneden moet, maar dapper stappen zetten.

Gaandeweg voel ik dat de angst minder wordt. Opgelucht kom ik heelhuids beneden, waar mijn rugzak al op me ligt te wachten. Vanaf beneden bezien, is de helling helemaal niet zo eng als die er van bovenaf uitzag.

 

Zo kan het je ook vergaan als je stappen wilt zetten in je loopbaan. Als je het bekende niet durft los te laten. En niet de moed hebt om je angst voor het onbekende te overwinnen en maar blijft zitten waar je zit.

Want, zoals André Gide schreef: ‘De mens ontdekt geen nieuwe oceanen als hij de moed niet heeft om de kust uit het oog te verliezen.’

Dat geldt ook voor ontdekken van nieuwe mogelijkheden voor werk. Heb je het bekende eenmaal losgelaten, dan zal blijken dat het helemaal niet zo eng is als je dacht.

 

Heb de moed om stappen te zetten. Nelson Mandela zegt in zijn boek Long Walk to Freedom over moed:
Ik heb geleerd dat moed niet de afwezigheid van angst is, maar het overwinnen ervan. Een dapper man is niet hij die geen angst voelt, maar hij die zijn angst weet te overwinnen.

 

 

Wil je stappen zetten in je loopbaan, maar ontbreekt het je aan moed om ervoor te gaan?

Boek een afspraak in, in mijn online agenda voor een oriënterend gesprek met deze link.

Als loopbaancoach ben ik je gids en rust ik je toe zodat jij de moed hebt om écht een stap in je loopbaan te zetten. Moed is daarbij niet de afwezigheid van angst. Moed is angst voelen en toch je hart volgen.

En ik zorg er als loopbaancoach voor dat je niet ‘uitglijdt’, als jij de uitdaging aangaat.

 

 

 

 

Wat maakt dat je geen stappen zet in je loopbaan en maar blijft zitten waar je zit

 

Een coachklant mailde mij:
“Ik had me voorgenomen om na de eerste werkweek een afspraak bij je in te plannen. In de verwachting dat ik direct weer tegen dingen aan zou gaan lopen, waardoor ik weer in actie kom. Dit is niet gebeurd, het is momenteel rustig op mijn werk. Waarna ik ga twijfelen of ik nu wel moet vertrekken. Terwijl ik weet dat de dingen waar ik me aan erger echt wel weer gaan komen. En dat de groei in mijn baan er wel uit is. Ik weet niet zo goed wat er gebeurt waardoor ik niet in actie kom. Enerzijds hangt dit denk ik wel samen met een hectische periode thuis. Anderzijds is er ook een soort koudwatervrees ofzo waardoor ik toch niet zo goed durf.”

Maar is het koudwatervrees? Of heeft zij het gevoel dat zij vastzit in haar baan en daardoor niet in beweging komt? Of spelen beide een rol?

 

Vastgeketend aan een paaltje of koudwatervrees?

 

Het verhaal van de olifant en het paaltje

 

Misschien is het voor jou lang geleden dat je een circus hebt gezien. Voor mij geldt dat in elk geval wel.

Ik kan me dan ook niet herinneren, dat een reuze olifant bij zo’n circus vaak aan een klein paaltje vastzit met een simpel touw. En dat de olifant geen poging doet om te ontsnappen, terwijl die dat makkelijk zou kunnen. Als die even een flinke ruk zou geven aan de ketting waarmee die vastzit aan het paaltje, zou die het paaltje zo uit de grond kunnen trekken.

Waarom doet een olifant dat dan niet?

Olifanten worden getemd als ze nog heel klein zijn. Een baby-olifant wordt met een touwtje aan een paal gebonden die groter is dan hijzelf. Als het dier probeert zich los te rukken, lukt dit niet. Het kleintje schopt en trekt uit alle macht om los te komen en zijn vrijheid terug te krijgen. Dit doet hij dagen, weken, maanden achter elkaar. Maar hij kan niet loskomen, want het paaltje met de ketting zijn te zwaar voor zijn kleine lijfje.

Uiteindelijk geeft het olifantje op, omdat hij uit ervaring leert dat hij niet los kan komen. Hij geeft de moed op en blijft staan bij het paaltje met het touw om zijn poot.

Omdat de olifant zo overtuigd is van het niet los kunnen komen blijft hij zelfs als volwassen, sterke olifant aan het paaltje staan. Dit leidt ertoe dat de olifant accepteert dat hij niet kan ontsnappen en dit ook niet meer zal proberen. Deze overtuiging gaat zo ver dat hij in de veronderstelling is, dat er geen ontsnapping mogelijk is en braaf aan het paaltje blijft staan. Zelfs als hij groot is,

Het verhaal wordt vaak gebruikt als metafoor voor aangeleerde hulpeloosheid.

 

 

Het verhaal van de geketende olifant en het verhaal van mensen die vastzitten in hun werk

 

Het verhaal van de geketende olifant lijkt op de verhalen van mensen die blijven hangen in slechte ervaringen.

Jij kent ze vast ook wel, collega’s die klagen, zich afhankelijk opstellen, uitgaan van wat allemaal niet kan en zelf geen verantwoordelijkheid nemen. Collega’s bij wie het glas altijd halfleeg is. En die min of meer hun loopbaan schijnen te ondergaan in plaats van dat ze zelf aan het roer staan.

Het zijn mensen die zich laten leiden door wat allemaal niet kan of wat ze allemaal niet kunnen en zich afhankelijk opstellen. Het zijn mensen die niet opnieuw proberen om stappen te zetten in hun loopbaan, omdat ze vasthouden aan hun negatieve ervaringen.
Dat weerhoudt hen van benutten van de mogelijkheden die de arbeidsmarkt en het leven biedt en die hun leven volledig zouden kunnen veranderen.

 

 

Hoe je je losmaakt als je je vastgeketend voelt in je huidige werk

 

Zoals het voor een volwassen olifant maar één stapje is om het paaltje uit de grond te trekken, zich los te maken en zijn ruimte in te nemen, zijn pad te lopen en zijn weg te vervolgen, zo kun jij je ook losmaken als je je vastgeketend voelt in je huidige werk.

Ik realiseer me daarbij heel goed dat het lang niet altijd makkelijk is om het bekende los te laten en werk te maken van iets nieuws. Want je weet wat je hebt en je weet nog niet wat je krijgt.

Onderstaande handreikingen helpen je op weg:

 

 

In een volgend artikel lees je meer over hoe om te gaan met koudwatervrees op de arbeidsmarkt.

 

 

 

 

Waarom het lastig kan zijn om te veranderen van baan, terwijl je weet en voelt dat je werk niet meer bij je past

 

Als je het helemaal niet naar je zin hebt in je werk en je werk je meer energie kost dan het je oplevert, dan ben je mogelijk al moe als ‘s ochtends de wekker gaat. Het liefst draai je je nog een paar keer om in je bed. Of ‘duik je onder’ en meld je je ziek. Maar dat doe je ook niet zomaar, als je niet écht ziek bent.

Logisch redenerend zou je zeggen; ‘maak werk van ander werk’. Why not! Zeker met de krapte op de huidige arbeidsmarkt.

Maar kennelijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Waarom is het zo lastig om te veranderen van baan, als je werk niet langer bij je past? Want als je het rationeel bekijkt, dan zou werk maken van ander werk toch een oplossing zijn?

 

Veranderen van baan kan lastig zijn, ook al weet je en voel je dat je werk niet meer bij je past

 

Wij mensen zijn in hoge mate onbewuste, irrationele en emotionele wezens

 

We zien onszelf het liefst als bewuste, logische en rationele wezens. We realiseren ons echter niet dat we het merendeel van onze beslissingen nemen op de automatische piloot. Volgens Daniël Kahneman doen we dat zelfs voor 95%-98% van de tijd. Ons bewuste brein staat volgens hem maar voor 2%-5% aan.

Volgens Kahneman werkt de automatische piloot, systeem 1, 200.000 keer sneller dan systeem 2, het bewuste brein. En kan systeem 1, in tegenstelling tot systeem 2, ook meerdere dingen tegelijk.

Een mooi voorbeeld daarvan hoorde ik in een podcast van Managementboek met als onderwerp ‘De ander activeren via het onbewuste brein’. Willem van Leeuwen, de podcastmaker is in gesprek met Genieke Hertoghs, de auteur van ‘Don’t push me!’ – hoe je mensen wel beweegt.

In de podcast wordt Willem van Leeuwen gevraagd om de maanden van het jaar op te noemen. Dat gaat hem gemakkelijk af en hij doet het feilloos. Terwijl hij de maanden noemt blijft hij middels zijn ogen in contact met zijn gesprekspartner. Vervolgens vraagt Genieke hem om de maanden in alfabetische volgorde te noemen. Daar moet hij echt over nadenken en het gaat hem ook niet goed af. Opmerkelijk is, dat het nadenken kennelijk voor hem niet te combineren is met oogcontact houden met zijn gesprekspartner. Want zijn ogen zijn volgens Genieke Hertoghs naar boven gericht.

Mensen blijken in een gesprek het oogcontact te verbreken als ze niet kunnen varen op de automatische piloot. Maar systeem 2, het bewuste brein, aan moeten spreken. Een leuk experiment om eens met iemand uit te proberen.

 

 

Waarom het zo lastig is om een verandering in gang te zetten

 

Onbewust hebben we weerstand tegen verandering en die weerstand komt voort uit loss aversion. Verliezen, loslaten wat we hebben doet pijn. En die pijn willen we vermijden.

Kennelijk zijn we gevoeliger voor verlies van wat we hebben, dan dat we uit zijn op winst. Die gevoeligheid voor verlies beperkt zich overigens niet tot werk, maar heeft betrekking op allerlei levensterreinen. Denk bijvoorbeeld aan relaties, woon- en sociale omgeving.

Daarnaast speelt ook conformation bias een rol; vooringenomenheid in je brein. Onze hersenen zijn geneigd de informatie te kiezen die het meest overeenkomt met eigen bestaande overtuigingen. Dus nieuwe informatie zo te filteren dat die klopt met eigen overtuigingen.

 

 

Je kunt anderen niet overtuigen met argumenten

 

We hebben behoefte aan veiligheid en zekerheid. Van nature zijn we geneigd om op zoek te gaan naar wat we kennen; een veilige bubbel.

En ook al past je werk niet langer bij je, je weet wel wat je hebt en niet wat je krijgt.

Ook zijn we geneigd om te zoeken naar bevestiging van ons gelijk. Het is dan ook niet gemakkelijk, om iemand met argumenten te overtuigen dat het goed is om zijn werk los te laten en werk te maken van iets nieuws. Je loopt zelfs het risico dat betrokkene alleen maar sterker overtuigd raakt van zijn eigen gelijk, dat die beter kan blijven zitten waar die zit.

Wat wel werkt lees je in mijn volgend artikel.

 

 

 

Zou je graag een stap willen zetten naar ander werk?

Weet je niet hoe dat aan te pakken en eerste stappen te zetten?

Lees mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’.

 

 

 

 

Durf op tijd te stoppen met iets dat niet voor je werkt of niet langer bij je past

 

Iets nieuws beginnen geeft energie. Heerlijk!

Maar loslaten van het oude is lang niet altijd makkelijk.

Een van mijn coachklanten gaf aan op LinkedIn: ‘Ik heb er lang over gedaan om de knoop door te hakken, maar nu durf ik het. Als ik echt naar mijzelf luister, dan zegt mijn hart dat deze functie simpelweg niet bij mij past. Bij wie ik ben, waar mijn kwaliteiten liggen en wat ik wil.’
Ik zat lang vast in de wanhoop stand: ‘Ik móet iets anders vinden maar ik weet niet wat en al helemaal niet waar, dus ik blijf maar doorgaan in een functie die mij helemaal niet past tot ik het gevonden heb’. Die vicieuze cirkel doorbreek ik nu doordat ik mijn werk heb opgezegd. Dit geeft ruimte en rust zodat ik vanuit een gezonde en energieke positie een baan kan vinden die wél bij mij past.

Het is krachtig dat ze de moed heeft gehad om tegen zichzelf te zeggen ‘dit werkt niet voor mij.’ Zeker als je er jaren naartoe gewerkt hebt en er veel voor hebt opgeofferd.

Te lang doorgaan met iets dat niet voor je werkt, is niet alleen onverstandig, het is ook ongezond. Zowel fysiek als mentaal.

Maar de stekker eruit trekken doe je niet zomaar. Het is dan ook de kunst om dat op tijd te doen.

Vaak zijn er signalen die erop wijzen dat het daarvoor de tijd is. Het is zaak om die signalen serieus te nemen.

 

Alles is gedurfd voor wie niets durft
Tudo é ousado para quem a nada se atreve
Alles is gedurfd voor wie niets durft

 

Signalen dat het tijd is om werk te maken van ander werk

 

Aan welke signalen kun je dan denken?

Ik geef je een aantal voorbeelden van signalen, die ik met regelmaat hoor van mijn coachklanten. Signalen, die voor hen aanleiding zijn om contact met mij op te nemen als loopbaancoach.

Herken je een aantal van deze signalen? Neem ze serieus en doe er wat mee.
1. Werk vreet al je energie en je werkplezier is ver te zoeken
2. Je loopt voortdurend te klagen, te mopperen over je werk
3. Je passie is weg
4. Je bent vaak humeurig en gestrest
5. Je hebt lichamelijke klachten; je bent vaak moe, hebt concentratieproblemen, vaak hoofdpijn, rugpijn
6. Je zit niet meer op één lijn met de organisatie waarvoor je werkt
7. Je voelt je niet gewaardeerd of krijgt onvoldoende erkenning voor de kwaliteit en het belang van wat je doet in je werk
8. Je hebt geen mogelijkheden meer om te groeien als professional; je hebt het gevoel dat je stilstaat
9. Je hebt behoefte aan een nieuwe uitdaging
10. Je wilt meer autonomie. Je voelt je voortdurend gecontroleerd.
11. Je wilt intellectueel meer geprikkeld worden
12. Je wilt meer met je handen werken in plaats van alleen met je hoofd

 

 

Tijdig stoppen op basis van een lijst met kill-criteria

 

Kill-criteria : signalen die je vertellen dat het tijd is om te stoppen.

Ben Tiggelaar schreef erover in een van zijn columns in NRC.

Geïnspireerd door het boek Quit: The Power of Knowing When to Walk Away van Annie Duke geeft Ben Tiggelaar zijn advies op basis van Dukes belangrijkste les: maak op het moment dat je aan iets nieuws begint, meteen een lijstje met signalen dat je weer moet stoppen. Je zogenaamde kill-criteria.

Hoe doe je dat?

Maak je een voorstelling van hoe het zou zijn als het werk dat je doet je op een gegeven moment tegen gaat staan. Hoe merk je dat zelf? Wat mis je dan in je werk? Waar loop je tegenaan? Wat denk je? Hoe voel je je? Hoe gedraag je je? Wat zeggen anderen over hoe jij je werk doet en hoe praat je zelf over je werk?

Zet al die signalen in een lijstje.

Maak ook een positief lijstje met signalen dat je met je werk op het goede spoor zit en je werk voldoet aan je behoeften. Hoe denk je dan over je werk? Hoe voel je je? Hoe praat je over je werk met anderen? Wat zeggen anderen over hoe jij je werk doet en hoe zij jou in je werk ervaren?

En een belangrijke laatste stap: zet data in je agenda waarop je evalueert of je nog op het goede spoor zit of dat het tijd is om stappen te zetten. En zet die data niet alleen in je agenda, maar maak bijvoorbeeld ook een taak aan, zodat je echt met die evaluatie aan de slag gaat.

 

 

Durf eerlijk te zijn ten opzichte van jezelf en ga je ervaringen niet relativeren

 

Durf conclusies te trekken op basis van je evaluatie. Ga de confrontatie niet uit de weg. Durf op tijd te stoppen met iets dat niet voor je werkt of niet langer bij je past

Op tijd stoppen is niet zwak, maar juist krachtig en slim. Want elke dag die je eerder stopt met iets dat niet werkt, kun je besteden aan iets dat wél de moeite waarde is.

Realiseer je dat door deuren te sluiten, nieuwe deuren voor je opengaan.

En: ‘Tudo é ousado para quem a nada se atreve’ (Fernando Pessoa, Portugees dichter). In het Nederlands: ‘Alles is gedurfd voor wie niets durft.’

 

 

 

Wil jij, net als coachklanten die jou zijn voorgegaan, met mijn hulp in kaart brengen waar je kwaliteiten liggen en wat er bij je past? En op basis van het profiel van je ideale werk die nieuwe deur voor jou geopend laten worden?

Maak een afspraak voor een oriënterend gesprek in mijn online agenda. Dat kan met deze link.

 

 

 

 

Meer van hetzelfde belooft geen doorbraak naar succes

 

En na een lange worsteling lag de vlieg dood op de vensterbank………….

Een waar gebeurd verhaal, dat je vast herkent.

 

Ik zit in een rustige ruimte en mijn aandacht wordt getrokken door een vlieg. De vlieg wil naar buiten. Het beestje is de laatste energie in zijn korte leventje aan het verbruiken in een zinloze poging om door het glas van het raam naar buiten te vliegen.

Steeds weer vliegt de vlieg in de richting van het glas en knalt met zijn vleugels tegen de ruit. De vlieg probeert steeds harder om door de ruit naar buiten te komen.

Maar het werkt niet.

Zijn waanzinnige pogingen bieden geen kans op succes. Vreemd genoeg is de worsteling zijn valkuil. Het is onmogelijk voor de vlieg om door te breken door het glas.

Desondanks heeft het kleine insect kennelijk zijn leven gericht op het bereiken van zijn doelen door domme inspanning en daaraan vasthouden.

De vlieg is gedoemd te sterven. Te sterven op de vensterbank.

 

Als je blijft doen wat je deed, dan creëer je geen doorbraak

 

De vlieg ziet de mogelijkheid van een doorbraak niet

 

En die mogelijkheid ligt soms heel dichtbij.

Bijvoorbeeld aan de overkant van de kamer, nog geen tien stappen verder, waar de deur open staat. In een paar seconden had de vlieg naar buiten kunnen vliegen.

Met een fractie van de moeite die nu tevergeefs is, had de vlieg zich kunnen bevrijden uit de zichzelf opgelegde val.

De doorbraakmogelijkheid is er. Het had zo gemakkelijk kunnen zijn.

Waarom probeert de vlieg dan geen andere manier? Hoe kan het, dat de vlieg zo vasthoudt aan het idee dat die ene specifieke route de meeste kans biedt op succes?

 

Bij ons op zolder kan het zelfs gebeuren dat een vlieg tegen het glas van het tuimelraam aan blijft vliegen. Het tuimelraam staat open en nog geen vijftien centimeter onder het raam is de vrije lucht.

Pas als je het tuimelraam helemaal kantelt en de vlieg als het ware naar buiten stuurt, pakt die de juiste route om zichzelf te bevrijden.

 

Welke logica zit erachter dat de vlieg maar doorgaat tot zijn dood, met het zoeken van een doorbraak met meer van hetzelfde?

Ongetwijfeld heeft deze benadering voor een vlieg zin. Maar helaas is het een benadering die de vlieg moet bekopen met zijn dood.

 

 

Met meer van hetzelfde is het moeilijk om een doorbraak te creëren

 

Soms handelen mensen net als vliegen. En dan denk ik met name aan hun handelen om een baan te verwerven.

In een eerder artikel schreef ik al over het onderscheid tussen werken IN en werken AAN de baanverwerving.

Ik realiseer me heel goed dat wat ik hier zeg niet respectvol klinkt, maar er is wel een gelijkenis met het beschreven gedrag van vliegen.

Sommige baanzoekers blijven maar vacatures zoeken en brieven schrijven. Soms hebben ze wel honderd sollicitatiebrieven op hun conto staan. Misschien herken je jezelf daar wel in.

Volhardend gaan ze door.

Dat doorzettingsvermogen vind ik zeer prijzenswaardig. Want het is niet niks als je je voor de volle 100% inzet en die inzet dan toch niet leidt tot die mooie nieuwe baan.

Maar harder proberen en harder je best doen is niet noodzakelijkerwijs dé oplossing om te bereiken wat je voor ogen hebt. Misschien wel die mooie baan.

Harder je best doen houdt geen belofte in, dat je krijgt wat je uit het leven wilt halen. Soms is domweg maar blijven proberen en maar doorgaan met hetzelfde,  in feite een deel van het probleem.

 

 

Wil je een doorbraak creëren? Doe het eens anders

 

Dat geldt ook voor de baanverwerving.

Durf vaste patronen en de traditionele manier van baanverwerving los te laten. Want meer van hetzelfde belooft geen doorbraak naar succes.

Het is tijd voor handelen op basis van een andere manier van denken, een paradigmashift.

Succesvolle mensen focussen niet eenzijdig op het zoeken van vacatures en het schrijven van sollicitatiebrieven. Zij maken gebruik van een beproefde strategie. De Meer Waarde Benadering is zo’n strategie.

 

Richt je hoop op een doorbraak, niet door nog harder te proberen om je doel te bereiken met wat tot nu toe voor jou niet heeft gewerkt. Want dan dood je je kans op succes.

Durf je open te stellen voor het onverwachte, want:

 “Als je het niet verwacht,

zul je het onverwachte niet vinden,

want je vindt het niet zomaar

en het is moeilijk” (Heraclitus, 500 v. Chr.)

 

Vind je het moeilijk om proactief en ondernemend zelf sturing te geven aan je loopbaan? En daadwerkelijk de baan te realiseren die jij voor ogen hebt?

Maak je de Meer Waarde Benadering eigen en realiseer daadwerkelijk de voor jou ideale baan.

 

Neem gerust contact met me op voor een vrijblijvend oriënterend gesprek. Dat gesprek verplicht je tot niets.